De bekentenis van Lance Armstrong aan zijn advocaat

Eens in de zoveel tijd belt een advocaat met zijn cliënt. Soms, in moeilijke tijden, bellen ze wat vaker. 

‘Lance.’

‘Hi Lance, met Tim spreek je?’

‘Tim? Tim Krabbe from Holland? The writerguy who thinks it’s okay to dope?’

‘Tim Herman.’

‘Tim Henman? Tiny Tim, die tennissende kostschoolkid?’

‘Tim Herman. Met een R. Je advocaat.’

‘Shit ja, da’s waar. Hey Tim, how are you?’

‘De vraag is meer hoe het met jou gaat.’

Back in Austin, just layin’ around.’

‘Mooi. Heb je het nieuws gehoord?’

‘Het nieuws van die 250.000 dollar die ik in 2004 aan het USADA zou hebben willen doneren in de hoop dat ze me verder met rust zouden laten in mijn grenzeloze eerzucht en alle maffiapraktijken die nodig waren om die eerzucht enigszins te bevredigen, dat nieuws?’

‘Precies, dat nieuws ja.’

‘Nee, niks over gehoord. Leg uit, Tim.’

‘Nou ja, het is dus min of meer bekend geworden dat jij in 2004 van plan was 250.000 dollar aan het USADA te doneren in de hoop dat ze je verder met rust zouden laten in je grenzeloze eerzucht en alle maffiapraktijken die nodig waren om die eerzucht enigszins te bevredigen.’

‘O really? Fuck. Wie zegt dat?

‘Travis Tygart.’

‘Die fucker van dat rapport.’

‘Precies, dat onzinrapport. Die Tygart heeft geen idee niet waar-ie het over heeft.’

‘Hoezo: onzinrapport?’

‘Je hebt toch nooit iets gebruikt?’

‘Wie zegt dat?’

‘Jijzelf.’

‘O ja.’

‘Of moet je me iets vertellen? Lance? De relatie advocaat-cliënt is er een van vertrouwen, dat hoef ik je niet uit te leggen toch?’

‘Ik heb even overwogen om iets te bekennen.’

‘WAT?!’

‘Maar ik doe het toch maar niet.’

‘Wat zou je bekennen?!’

‘Dat dat rapport klopt.’

Maar…?’

‘Dan zou ik liegen.’

‘Je hebt altijd eerlijk gestreden, toch?’

‘Ofcourse.’

‘Je hebt nooit iets gedaan wat niet mocht, toch? Lance?’

‘Nope.’

‘Je hebt altijd de waarheid gesproken tegen mij en tegen mijn collega’s, toch? Lance?’

‘Niemand is zo doortrapt om te liegen tegen zijn advocaat.’

‘Dus je bekent niets, en zeker niet zonder mijn medeweten, toch? Lance?’

‘Dat bevestig ik. Alleen een ontkenning.’

‘Huh?’

‘Die beken ik, die ontkenning. Bij deze, officieel. Je mag me quoten.’

‘Je bekent de ontkenning.’

‘Ja. Maar als ze me er naar vragen ontken ik ook maar iets bekend te hebben, zelfs als het gaat om die eerste ontkenning.’

‘Maar zou je mij gewoon alles willen bekennen, gewoon, om het overzichtelijk te houden?’

‘Tim, je kent me toch? Ik zou tegen jou toch nooit ontkennen dat ik een ontkenning bekend zou hebben, zelfs al zou die ontkenning als bekentenis en die bekentenis als ontkenning kunnen worden opgevat?’

‘Da’s waar, dat zou je nooit doen? En hoe zit dat nou met die 250.000?’

‘Is bekend. Ontken ik.’

‘Niet een bekentenis overwegen voordat je eerst aan mij bekend hebt dat je overweegt je ontkenning te bekennen, hoor.’

‘Zou ik nooit doen, Tim? Zeg, ik ga nog even een paar duizend push-ups doen. Doe je Herman de groeten van me?’