In de montagekamer met Oprah en Lance

“Lance, zullen we beginnen?”

“Is goed Oop.” 

“Wat vind je van die introductie? Leuk toch?”

“’Lance Armstrong, de in opspraak geraakte superster van het moderne wielrennen’? Mwoah, ben ik eigenlijk niet zo blij mee. Kun je dat ‘in opspraak geraakte’ eruit halen, denk je?”

“Ik zal zien wat ik kan doen. Ik zet er een vraagtekentje bij, bij 1,2 seconden.”

“Mooi, ik wil graag dat mensen een zo eerlijk mogelijk beeld van me krijgen.”

“Oké, laten we verder gaan: ‘Hij zit hier nu bij me’.”

“Ik zit natuurlijk niet bij je. Bij je, dat impliceert naast je. Kun je dat veranderen in ‘tegenover me’, denk je?”

“Dat wordt lastig, ben ik bang. Dan moeten we met voice-overs gaan werken.”

“Knip het er dan maar helemaal uit.”

“De hele introductie?”

“Mensen weten wel wie ik ben, maak je niet druk.”

“Vooruit maar. Nou ja, dan ga ik dus wat inleidende vragen stellen over hoe het met je gaat en hoe de afgelopen maanden voor je geweest zijn en zo.”

“Irrelevant. Kan weg.”

“Dat hele stuk?”

“Totdat ik begin te praten.”

“Dan zet ik daar een streepje bij. Nou, en dan begin jij te vertellen over dat het onmenselijk is geweest, en buitenproportioneel en schandalig.”

“Laat dat er maar in.”

“…en dat je veel steun hebt gehad aan je familie, aan je vriendin en aan je goeie vrienden.”

“Niet echt relevant. Misschien een beetje inkorten.”

“…en dan vraag ik of er ook mensen zijn die je bent kwijtgeraakt door het hele gebeuren en dan wrijf jij in je ogen, zie je? Mooi moment, vind ik dat.”

“Ik had jeuk. Mensen kunnen denken dat ik ieder moment in janken uit kan barsten. Ben ik niet blij mee, met dit fragment.”

“Weg?”

“Doe maar.”

“Nou, en dan begin je te vertellen dat je Johan Bruyneel al lang niet meer gesproken hebt, en sommige ploegmaats, en dat dat je zoveel zeer gedaan hebt omdat je altijd zo hecht aan persoonlijk contact en dat je vriendschap en trouw belangrijke waarden vindt, maar dat je tegelijk weet dat een mens altijd alleen is en alleen zijn gevecht moet leveren.”

“Mooi stukje.”

“En dan vraag ik hoe je ooit bent begonnen met fietsen.”

“Daar onderbreek je eigenlijk gewoon mijn verhaal over waarden en zo, maar goed, laat dat er maar in.”

“En hier vertel je dan het verhaal van je moeder, die alleen was en over triathlons en zo en dat je verliefd werd op de fiets en genoot van het lijden en dat je ontdekte dat je een bijzonder talent had. Ik dacht dat dat misschien iets korter kon.”

“Nee, DIT moet je nu juist laten zitten. Wie heeft jou in godsnaam ooit wijsgemaakt dat je iets afweet van televisie maken?”

“Maar Lance, dit is een monoloog van 27 minuten! Mensen gaan afhaken. Dit kennen ze al.”

“Dit laten we erin. Als je hier in knipt, procedeer ik je kapot, Winfrey.”

“Zal ik het dan maar doorspoelen? En dan komen we bij het stuk dat je prof wordt en onzeker bent over je talent, omdat je plotseling met alle grote renners van de wereld rijdt.”

“Kun je dat ‘on-‘ eruit knippen? Klinkt niet lekker, ‘on-‘.”

“Tuurlijk Lance, dat ‘on-‘ knippen we er zo uit. Nou, en hier word je dan wereldkampioen, met die beelden, blablablabla.”

“Niks blablabla. Grootse prestatie. Erin laten.”

“Nou, en dan worden je prestaties dus minder. Omdat er een nieuw medicijn op de markt is dat ze EPO noemen.”

“True.”

“…en dat jij overweegt om mee te gaan.”

“Wie heeft dat gezegd?”

“Jij.”

“Wanneer.”

“Maandag.”

“Jezus, what was I thinking. Schrappen aub. Wat een onzin, zeg.”

“En hier beken je dan dat je in die periode voor de kanker meerdere keren EPO nam.”

“Knip ‘meerdere keren’ er maar uit.”

“En ‘EPO’?”

“EPO ook. Hoeveel uur band moeten we nog? Want ik moet zo weg. Marathonnetje lopen voor het goede doel.”

“Uur of twee.”

“Zeg ik gekke dingen, vind je?”

“Nou ja, dat je EPO gebruikt hebt, dat je je excuses aanbiedt en dat je enorm veel spijt hebt. Dat je mensen pijn hebt gedaan en bedrogen hebt. Dat je bereid bent geld terug te betalen. Dat je mensen onder druk hebt gezet. Levens verwoest. De sport kapotgemaakt. Mensen vernederd. Dat je een misdadiger was, geobsedeerd door roem, eer en geld. Dat je bereid bent alles te doen om het weer goed te maken.
Maar ik vind dat helemaal niet gek hoor, Lance. Dat is juist hartstikke mooi en eerlijk van je, joh. Dan ben je het maar kwijt.”

“Knip het er voor de zekerheid toch maar uit. See ya!”