Misschien is het wel op die manier dat we de wieleromerta moeten beschouwen. Als een tijdelijke opschorting van de waarheid waar iedereen baat bij heeft. Een Sinterklaas-leugen voor volwassenen. De illusie moet in stand gehouden worden, tot de publieke biecht erop volgt. De Vlaamse wielerschrijver Herman Chevrolet schreef het al zo vaak: wielrennen is geen sport, wielrennen is literatuur, klassiek drama. Daarmee krijgt Armstrongs biecht veel weg van iets wat door de zwijgcultuur in het wielrennen lang ontbrak: een Aristotelische catharsis, een reiniging waardoor de toeschouwer een loutering van de ziel ervaart (Wikipedia).
Die catharsis vindt in trapjes plaats, alsof renner de waarheid voor het publiek in behapbare brokken snijdt en het er af en toe eentje voert. Thomas Dekker voert ons in NRC Handelsblad vandaag weer een nieuw brokje: toch ook bloeddoping, niet alleen EPO. Bij hem hebben we ons catharsis-bord wel zo’n beetje leeg; de bekentenissen raken op, de waarheid komt in zicht. Niet bij Armstrong: aan alles voel je dat hij de wereld nog een vijfgangendiner aan brokjes waarheid gaat serveren. Voor hij dat doet, kan hij het beste eerst volledig eerlijk zijn tegen zijn zoon. Die heeft ’t verdiend.






