Is het internet onveilig of de wereld?

Het jongste advies aan kinderen die actief zijn op het internet (en dat zijn ze allemaal): praat niet met vreemden, niet online maar ook niet offline. Want het gevaar loert overal en iedereen die je niet kent vormt een bedreiging.

Dat verzin ik niet zelf, het advies komt uit officiele bron. Het wordt verspreid door het Europees instituut InSafe dat deze week. het zal u vermoedelijk zijn ontgaan, de jaarlijke Internetveiligheidsdag hield. Geschreven is het door een medewerker van Norton, het bedrijf dat al decennia miljarden verdient aan de onveiligheid van (vooral) Windowssoftware. Norton wil ook dat kinderen niet meer hun eigen naam noemen op het net, niet zomaar op een link klikken (ik ken veel volwassenen die die raad ook ter harte zouden moeten nemen) en uiteraard vindt Norton dat je beveiligingssoftware altijd up-to-date moet zijn.

Hoe behartenswaardig deze wenken voor onze jeugd ook zijn, en hoe reeel ook het gevaar is van cybercriminelen, zo langzamerhand begint dit soort richtlijnen toch wat paranoide trekjes te vertonen. Groeit hier een generatie op die niet meer in staat is tot normaal menselijk contact met anderen buiten de vrienden- en gezinskring? Vroeger kreeg je van je ouders mee dat je van onbekenden geen snoepjes mocht aannemen (jammer, vond ik altijd), nu mag je niet eens meer met ze praten.

Maar schuilt het gevaar op het internet en in de wereld werkelijk in die vreemde, onbekende buitenwereld? Deze week verscheen een onderzoek van Digibewust waaruit bleek dat liefst tweederde van de Nederlandse jeugd digitaal wordt gepest. Dat gebeurt helemaal niet door vreemden, welnee, verantwoordelijk zijn de klasgenootjes, vriendjes en vriendinnetjes die de godganse dag met elkaar zitten te Facebooken, Skypen en Whatsappen. Voordat elke 12-jarige rondliep met een smartphone of Phablet kon je je nog onttrekken aan de groepsdruk door thuis beschutting en afzondering te zoeken, nu zijn de gepeste kinderen nergens meer veilig. En dan komen de gehaaide pesters in de groep bovendrijven.

In zekere zin geldt dat ook voor het (sexueel) misbruik van kinderen. U hoort mij niet ontkennen dat er op het wereldwijde web rare snuiters onder schuilnamen proberen jonge kinderen te verleiden en daartegen dient hard en adequaat te worden opgetreden. Maar uit alle onderzoeken blijkt dat verreweg het grootste deel van het misbruik gepleegd wordt door mensen in de directe omgeving en dus niks met het internet te maken heeft. Dat plaatst een ander advies van Norton (’vertrouw altijd op de volwassene die je kent’) in een wat wrang licht.

Het internet is niet de bron van alle kwaad, zou ik willen zeggen, het kwaad is er alleen heftiger, sneller en geconcentreerder te vinden. Daarmee prudent omgaan is een kunst die wij nog niet voldoende beheersen en daarom is het goed dat er richtlijnen zijn. Maar onze kinderen opvoeden tot bellende zombies die bang zijn voor elk vreemd gezicht, dat lijkt me ook geen goed idee.
——
 Download de gratis app van Tablisto om ons maandblad op uw tablet te lezen

  Volg HP/ De Tijd.

 Volg HP/ De Tijd op Facebook