De madeleine Yordan Letchkov

Soms zijn voetbalberichten voor mij wat madeleines waren voor Marcel Proust; ze kussen een lang vergeten herinnering in me wakker. Zo las ik vorige week een bericht over Yordan Letchkov.

Het eerste WK Voetbal dat zich binnen de grenzen van mijn bewustzijn afspeelde, was dat van 1994. In de herfst van dat jaar zou ik zelf voetballer worden.
Veel heb ik niet van dat kampioenschap gezien; het vond plaats in Amerika en de wedstrijden werden niet op voor kleine jongetjes geschikte tijden uitgezonden. Zo komt het dat mijn herinneringen aan het WK van 1994 amorf en fragmentarisch zijn, als een modern kunstwerk.

Ik zie de Braziliaan Leonardo het jukbeen van Ramos verbrijzelen als een beschuitje, ik zie Oleg Salenko vijf keer scoren tegen Kameroen (al ben ik ervan overtuigd dat dit een geconstrueerde herinnering betreft), ik zie Roberto Baggio met zijn Goddelijke Paardenstaart, Hagi en Dumitrescu een oervorm van tiki-taka uitproberen en Saeed Al-Owairan, de Maradona van de golfstaten, het veld oversteken met de bal aan zijn voet.

Wat het Nederlands Elftal betreft, zie ik Gaston Taument een kopgoal scoren (moet wel een perverse fantasie zijn), Jan Wouters de bal als een blinde eenbenige proberen weg te werken tegen België (doelpunt, 1-0 verloren), Wim Jonk vuren en Pat Bonner grabbelen.

De meeste van die herinneringen zijn afkomstig uit de wedstrijden die onder een bleke, bloedhete middagzon werden afgewerkt. De enige wedstrijd waarvoor ik mocht opblijven, was Nederland-Brazilië. Van die wedstrijd herinner ik me nog iedere minuut, althans, tot aan het schot van Branco, daarna wordt alles zwart. Misschien was ik in slaap gevallen.

Beb Bakhuys
Een van de meest levendige herinneringen aan dat WK is de overwinning van Bulgarije op Duitsland, en dan vooral de fenomenale kopbal van Yordan Letchkov.

Ik was al het hele toernooi fan van Yordan Letchkov. Hij was met afstand de lelijkste man op het toernooi, iets wat me al flink voor hem innam, maar het was bovendien een geweldige speler die in die weken het niveau van de grote sterren Stoitchkov en Balakov benaderde.
Zie Yordan Letchkov over het veld draven, in dat fletse rood en wit.
Zie hem tackelen als een back, passen als een creatieve middenvelder en vrijlopen als een spits.
Zie hoe het zonlicht weerkaatst op zijn kale knar, omkranst door stug melkboerenhondenhaar. Nooit was een voetballer fraaier kaal dan Yordan Letchkov, al deed John Metgod een verdienstelijke poging.
Zie hem naar de bal duiken, koppen en mikken tegelijk.
Zie de bal in de kruising verdwijnen.
Zie Beb Bakhuys.

Fraude
Na dat toernooi in Amerika is er nog weinig van Yordan Letchkov vernomen, en evenmin van de Bulgaarse nationale voetbalploeg. Ik wijdde geen gedachten meer aan hen, ze lagen veilig opgeslagen in een oude verhuisdoos op de zolder van mijn geheugen. ‘Niet ter zake doende jeugdherinneringen’, staat er met zwarte viltstift op die doos geschreven.
Tot ik vorige week dus dat bericht over Yordan Letchkov las. Na vele vruchteloze pogingen om burgemeester van zijn woonplaats Sliven te worden, is hij nu veroordeeld tot een gevangenisstraf van zes maanden wegens fraude. Een verdrietig bericht dat me toch opvrolijkte. Ik kreeg er zin van om naar buiten te rennen en daarna een groot glas ranja in een keer naar binnen te klokken.