’s Werelds oudste marathonloper (102) geeft er de brui aan

Op 1 april 2011 wordt Fauja Singh 3851e in de marathon van Toronto. Hij is op z’n zachtst gezegd een opvallende verschijning, met zijn gele tulband die zachtjes op en neer wiebelt op de maat van zijn passen en zijn witte baard die wappert in de voorjaarswind.

De eerste 25 kilometer gaat alles goed, zijn trainer Harmander moedigt hem aan en Fauja voelt hoe een bijna bovennatuurlijke concentratie bezit van hem neemt. De pijn die terrein wint in zijn lijf, weerstaat hij zonder problemen. Want hij weet: de pijn is slechts een wegbereider voor de euforie van straks.

Het lukt niet meer
Na 25 kilometer houdt Fauja Singh een kleine pauze. Hij strekt zijn verkrampende ledematen en drinkt thee. Wanneer hij weer op gang probeert te geraken, lukt het niet meer. De rest van het parkoers zal hij lopend afleggen.
Steeds vaker moet Hamander onjuiste informatie doorgeven om Fauja op de been te houden. Maar hij haalt het.
Als 3851e passeert hij de finish.

Aan de finish wordt hij opgewacht door talloze mensen. Er is pers, er zijn fans, er zijn de apetrotse organisatoren. Fauja bezwijkt bijna onder de regen van schouderklopjes.
Eén man ontbreekt echter: een official van het Guiness Book of Records.
Fauja Singh is vanaf vandaag officieus de oudste man ooit die een marathon gelopen heeft.

Doodswens
Een eeuw eerder is hij geboren, in India. Op zijn vierde kan Fauja nog altijd niet lopen; zijn beentjes zijn te kort en sprieterig om zijn relatief forse bovenlichaam te kunnen houden.
Als hij vijf is, begint hij zich dan toch voort te bewegen. Moeizaam, dat wel.
Een mensenleven lang werkt Fauja Singh op de boerderij. Eerst bij zijn ouders, later met zijn eigen gezin en nog weer later, na de dood van zijn vrouw, met zijn jongste zoon Kuldip. Een vredig leven is het, Fauja’s dagen waren als een vriendelijk kabbelende rivier voorbijgestroomd en zo zou het gaan tot de dag dat hij zou sterven.

Als tenminste Kuldip niet bij een reparatie om het leven was gekomen.
Plotseling komen de dagen van Fauja Singh nauwelijks nog om. De vrolijke oude man was in een enkele nacht veranderd in een sombere bejaarde met een doodswens.

Met zijn conditie verbetert zijn humeur
Zijn andere kinderen, al jaren woonachtig in Londen, besluiten hun droevige vader over te laten komen. En zo gaat Fauja Singh weg, weg uit het dorp dat 85 jaar lang zijn wereld is geweest. Weg van de depressie die verder leven onmogelijk maakt.
In het begin helpt de verhuizing niet, of nauwelijks. De depressie heeft samen met hem de oversteek naar Groot-Brittannie gemaakt en kluistert hem die eerste maanden aan bed en aan de televisie, een volstrekt nieuw apparaat voor Fauja.
Tot hij op een dag een rondje mee holt in een park met de grote Londense sikh-gemeenschap. Hij is blij aansluiting te vinden met landgenoten, gelukkig dat hij zijn eigen taal kan spreken en opgetogen over de goede staat van zijn lichaam.
En zo verbetert met zijn conditie ook zijn humeur.

Zij aan zij met God
Langzaam maar zeker verschijnt er een onverwacht talent aan de oppervlakte, maar dat is niet de reden waarom Fauja Singh doorzet, waarom hij dag na dag als een bezetene zijn rondjes door de Londense parken holt. Nee, niet het talent. Het is God. Wanneer hij werkelijk moe wordt, als de uitputting hem dreigt te achterhalen, komt God naast hem lopen en begint tegen hem te praten. Als een gelijke, als een joggingmaatje.
Duizenden kilometers draven ze, Fauja Singh en God, zij aan zij, dwars door Londen.

Tot Fauja op een dag op zijn geliefde televisie een horde mannen en vrouwen in shirts en shorts door een stad ziet draven. Zoiets heeft hij nog nooit gezien.
Het blijkt een georganiseerde hardloopwedstrijd, een race van 42 kilometer en 195 meter precies.
En Fauja Singh denkt: het is ver, maar als die mensen op het scherm het kunnen, dan ik ook.
Hij brengt zichzelf in contact met Harmander, zelf marathonloper en coach en zegt tegen hem: ‘Ik wil de marathon van Londen lopen.’
De marathon van Londen is over acht weken.
‘Laten we dan maar gaan trainen,’ antwoordt Harmander.
De zondag erop, op zijn eerste officiële training, arriveert Fauja Singh in een driedelig kostuum. Om indruk te maken op zijn nieuwe trainer.

Een loop-baan
Fauja Singh loopt de marathon van Londen uit. In bijna zeven uur overbrugt hij de ruim 42.000 meter.
Hij is 89 jaar. Maar zijn leven begint pas.
Het nieuws van de bejaarde sikh en zijn marathondebuut verspreidt zich als de vogelgriep over de wereld. Hij wordt een ster, een icoon, een aanplakbord voor allerhande reclame-uitingen. Adidas maakt van hem een van de hoofdrolspelers van zijn wereldwijde “Impossible is nothing”-campagne. Andere speerpunten van die campagne zijn David Beckham en Mohammed Ali.
Het geld dat Fauja verdient, gaat trouwens rechtstreeks naar liefdadigheidsinstellingen.

Zijn loop-baan lijkt in eerste instantie geen lang leven te zijn beschoren: tijdens de New York marathon van 2003 – zijn derde in een halfjaar – lijdt hij zo aan diepe pijnen dat hij met de ambulance moet worden afgevoerd. Daar, zittend in die ziekenwagen, zweert Fauja Singh nooit meer een meter te zullen hardlopen.
Maar er is nog een record dat op hem ligt te wachten, als de pot goud aan het eind van de regenboog. Een record waarvoor hij onmogelijk kan trainen, een record dat als vanzelf naar hem toe zal vloeien met het voorbijglijden van de tijd; het record van de oudste marathonloper aller tijden.
Daarvoor moet hij nog vijf jaar geduld hebben. En in leven blijven.

Geen certificaat = geen record
In april 2011 is Fauja Singh precies een eeuw oud. De tijd om zich het laatste record toe te eigenen, is gekomen. Singh kiest de Toronto Marathon uit.
En hij loopt hem uit, in 8 uur en 25 minuten.
Hij wordt op vijf na laatste.
Een wereldrecord. Toch?

Misschien. Maar geen vermelding in het Guiness Book of Records, er bestaat namelijk geen officieel document waarmee Fauja Singh kan bewijzen dat hij daadwerkelijk is geboren in 1911 in Panjuba, India. Daar is een geboortecertificaat voor nodig, het soort document waar ze in het India van honderd jaar geleden niet erg precies op waren.
Er zit voor Fauja niets anders op dan zich neer te leggen bij de beslissing. Hij heeft talloze stormen overleefd, depressies, ziekte en een nieuw leven op een ander continent; hij heeft alles overwonnen, maar tegen de bureaucratie kan zelfs hij het niet winnen.

Vorige week, op 24 februari 2013, rende Fauja Singh zijn laatste race, een tien kilometerwedstrijd in Hongkong. Over een maand zal hij 102 worden, maar wedstrijden zal hij niet meer lopen. Met hardlopen zal hij echter nooit stoppen.
Nu ja, als hij sterft, misschien dan.