Hoe gevaarlijk is de digitale school?

Geen potlood en een schriftje, maar een iPad. Geen vaste leerkracht meer, geen vast klaslokaal en geen vaste schoolvakanties. In augustus van dit jaar moet het op tien basisscholen in Nederland werkelijkheid worden. Is het de toekomst of kweken we hier zombies die hun hele leven doorbrengen gebogen over hun tablet of smartphone?

Het Onderwijs voor de Nieuwe Tijd is een bedenksel van Maurice de Hond die ooit (in een tijd voor Twitter en Facebook) vond dat het genoeg was om je e-mailaccount één keer per dag te checken. De tien basisscholen zorgen ervoor dat alle kinderen een eigen iPad krijgen (waarom geen Androidtablet, eigenlijk?) en laten zich daarbij sponsoren door onder andere Vodafone, wat ook een novum is. De lessen gaan vervolgens in hun geheel via de computer.

Tja, als je plannen maakt voor de iets langere termijn in deze snelle tijd begin je natuurlijk al met een achterstand: de trend in digitale apparaten is nu juist de samensmelting van telefoons en tablets. De kinderen zouden dus beter bediend zijn met een iPhone of een Galaxy Note dan met een iPad. Maar dat zijn technische problemen die Vodafone als sponsor ongetwijfeld gaat oplossen.

Veel interessanter is de vraag of het doenlijk en verstandig is om kinderen van een jaar of zes alle basisvaardigheden aan te leren via een computer. Lezen, rekenen en aardrijkskunde, dat zal nog wel gaan. Maar schrijven? Wordt dit dan de eerste generatie die vanaf de vroegste jeugd leert tikken op een (virtueel) toetsenbord? Een generatie zonder handschrift? Want dat is wel de uiterste consequentie van de manier waarop de iPadscholen te werk gaan.

Gevaarlijker wordt het nog als we ons de vraag stellen of deze visie op onderwijs wel in beeld heeft wat we op school eigenlijk allemaal leren. Als het alleen zou gaan om de basisvaardigheden en basiskennis waarover leerlingen aan het eind van de lagere school moeten beschikken is de gang naar het schoolgebouw eigenlijk helemaal niet nodig. Dat kan een slimme ouder ook wel regelen vanuit huis. Maar er zijn redenen waarom dat voor de opvoeding van een kind niet zo bevorderlijk is.

Wij leren niet alleen klassikaal omdat dat efficiënter is bij het verspreiden van de leerstof door de docent. Wij leren ook klassikaal omdat het ons groepsvaardigheden bijbrengt. Zoals ordelijk een kringgesprek voeren, anderen laten uitpraten en nadenken over een antwoord, leren deelnemen aan groepsactiviteiten en misschien zelfs wel accepteren dat de leerkracht het voor het zeggen heeft. Op de basisschool kweek je je eerste vriendschappen en leer je ook voor jezelf (en anderen) op te komen.

Op een school zonder vaste schoolvakanties, leerkrachten, klaslokalen en leeruren kan juist dat proces in het gedrang komen. Het beeld dat oprijst is dat van een door de school zwervende verzameling iPad-slaafjes dat uitsluitend nog digitaal communiceert. Natuurlijk is het belangrijk dat we onze kinderen een goede digitale opvoeding geven. Maar laten we daarbij de ‘echte’ werkelijkheid niet uit het oog verliezen.