Ramon Aguirre, de hardste verdediger aller tijden

Ieder specialisme binnen de sport kent zo zijn mythes. De passeerbeweging van Garrincha, de enkelhandige backhand van Henin, de slepende aanvallen van Zoetemelk. Als de specialismen in de sport allemaal op een enorme zolder zouden worden opgeslagen, dan zou er ergens in een vergeten hoekje een plek zijn ingeruimd voor Ramon Aguirre.Ramon Aguirre, The Killer.
Ramon Aguirre, de hardste voetballer die de sport ooit heeft voortgebracht.
Materazzi, Schumacher, Adams, De Wolf, Vinnie Jones, Oriali, Goicoetxea; ze verbleken allen tot dociele kereltjes, tot toonbeelden van sportsmanship en altruïsme naast Ramon Aguirre. Wie ooit tegen hem gespeeld heeft en nu nog zijn naam hoort, voelt de rillingen nog altijd langs zijn ruggengraat glijden.
Ramon Aguirre Auarez groeit op in een tijd dat het Argentijnse voetbal transformeert van een opgewekt, frivool spel in resultaatgerichte degelijkheid. Estudiantes is een van de toonbeelden van deze realistische nouvelle vague in het land. En achterin bij Estudiantes staat een jongen die ze El Negro noemen, omdat hij nog niet genoeg mensen om zeep heeft geholpen om The Killer genoemd te mogen worden.
Estuadiantes wint cup op cup en Aguire trapt, elleboogt en kopstoot zich een weg door de wereld. In het sterrenteam dat tweemaal de Wereldbeker zal winnen vormt Aguirre een eenmansbedrijfje.
“Ramon Aguirre Suarez, voor al uw hak- en zaagwerk”.

Pincharratas
Zoals iedere specialist heeft ook Ramon zo zijn trucs. Zo is daar het leunen over een tegenstander die hij net heeft bezeerd en nog versuft in het gras ligt bij te komen, om hem vervolgens nonchalant in z’n oog te prikken. Of wanneer hij een tegenstander na een charge weer op de been helpt, hij altijd het gevoelige vel onder de oksel vastgrijpt en zo hard als mogelijk knijpt. En alsof dat allemaal niet effectief en gemeen genoeg is, zijn er ook nog de pincharratas – uiterst scherpe pennetjes – die hij in zijn kous draagt om ze op gezette tijden in een vijandelijk lichaamsdeel naar keuze te prikken.
Verder probeert Ramon zijn tegenstander in de war te maken met het fluisteren van fantasieën over hoe het zou zijn als diens kind plots doodziek zou worden, of over de manieren waarop hij diens moeder zou kunnen ombrengen.

In een van de wedstrijden van de Copa Libertadores van 1968 ziet hij zijn kans schoon om zijn reputatie ook buiten de landsgrenzen een beetje in de verf te zetten: in de wedstrijd tegen Racing Club gaat hij op het hoofd van een op de grond liggende tegenstander staan en drukt zijn noppen in diens gezicht op de manier waarop je met je voet een spade in droge aarde drukt. Wanneer hij voor deze overtreding een rode kaart krijgt, passeert hij zijn gewonde slachtoffer nogmaals. En – typisch die gekke Ramon Aguirre – hij kan het toch niet laten om nog even op diens gezicht te dansen.

Combin
Na 1968 raakt hij meer en meer op drift. In de Wereldbekerwedstrijd tegen Inter Milan trapt hij eerst de Inter-aanvallers Pierino Prati uit de wedstrijd door het vel van diens dijbeen met zijn noppen in twee keurige lappen te rijten, om in de tweede helft ook de overgebleven Inter-spits Nestor Combin buiten westen te rammen.
(Van Combins jukbeen en neus bleek na de wedstrijd niet meer over dan een uiterst ingewikkeld bouwpakket. Het zou jaren en intensieve plastische chirurgie kosten om de sporen van Aguirres vuist uit zijn gezicht te verwijderen).
Nog tijdens die wedstrijd besluit president Juan Carlos Ongania – die zich in de ereloge zit dood te schamen – Aguirre en twee van zijn ploeggenoten onmiddellijk te arresteren.
Aguirre krijgen de soldaten echter niet te pakken; die rent na de wedstrijd, volledig in tenue, het stadion uit, naar huis.
Wanneer hij zich een dag later bij de politie meldt, verdwijnt hij voor een maand achter de tralies. Wegens openlijke geweldpleging.

De maatschappij verloedert, net wat u zegt, en voetbal is tegenwoordig maar een ruw spel – maar vroeger was het ook niet alles.