Daar gaat het sociaal akkoord: werkloosheid stijgt met 30.000 in maart

Zojuist publiceerde het Centraal Bureau voor de Statistiek de werkloosheidcijfers over maart. Een stijging met 30.000 personen en dat is niet alleen een dramatisch hoog cijfer, het betekent ook dat de trend nog altijd stijgend is.

Het werkloosheidspercentage is nu 8,1, een tot voor kort voor onmogelijke gehouden getal. Volgens de ILO-definitie – die wordt op Europees niveau gehanteerd en ook door het Centraal Planbureau – is het percentage nu 6,4 procent.

Iets dieper in de cijfers gedoken word je niet vrolijker. Er was sprake van 48.000 nieuwe WW-uitkeringen en 45.000 ‘beëindigingen’ van een uitkering. Dat lijkt mooi maar slechts 22.000 beëindigingen waren het gevolg van nieuw gevonden banen. 23.000 mensen zijn in maart dus in de bijstand gekomen, hun maximale WW-periode was verstreken.

Dan wordt het interessant om nog eens te kijken waar het Centraal Planbureau in zijn februariraming van uitging. Daar zijn immers de plannen van de regering op gebaseerd, ze gaan in Den Haag pas weken voor Prinsjesdag kijken of het misschien anders moet. Nou, dat ‘misschien’ kunnen we nu al vergeten en ik zou zeker ook niet wachten tot september.

Het CPB gaat uit van een 6,25 procent werkloosheid volgens de ILO-definitie en 7,75 procent volgens de nationale definitie van het Centraal Bureau voor de Statistiek.

Daar zitten we in maart dus al ruim boven met een sterk stijgende trend. Om nog in de buurt van de ramingscijfers te komen zou de werkloosheid nu sterk moeten gaan dalen. Dat gaat niet gebeuren, dat weet iedereen. Het maximaal haalbare is, als je optimistisch bent, dat de sterk stijgende trend over een paar maanden een minder strek stijgende wordt. Nog altijd betekent dat heel veel méér werklozen dan was voorzien. Met als gevolg hogere uitgaven aan uitkeringen, lagere ontvangsten vanuit de loonbelasting en lagere resultaten voor het bedrijfsleven want we gaan dus niet méér kopen.

Het sociaal akkoord was een zogenaamde DOA, Dead On Arrival.