Internet en crowdfunding kunnen wat banken niet kunnen

Miljarden belastinggeld zijn geïnvesteerd in het overeind houden van systeembanken. Maar recentelijk ben ik me gaan afvragen of dat wel nodig is. Er zijn andere wegen om de economie draaiend te houden en die lijken beter te werken. Internet kan wat bankiers niet kunnen.

Naast schrijven over beveiliging vertel ik er ook graag over. Toen vorig jaar oktober een groot bedrijf mij vroeg een roadshow te doen van een aantal dagen was ik enthousiast. Daarvoor was het wel nodig dat er ook een aantal demonstraties werden gegeven door een door mij in te huren persoon.

Bankje spelen
De beste man wilde – terecht – zijn geld snel hebben en had dat ook binnen 24 uur. Maar na het insturen van de factuur moest er een aanvullende opdracht komen. Een maand later mocht ik eindelijk factureren en begon de betaaltermijn van 90 dagen te lopen. Enfin in april had ik mijn geld binnen.

Zonder het te willen zat ik dus een bedrijf van krediet te voorzien, want ik heb wel moeten investeren. Een kleine rondvraag leerde dat dit ‘heel normaal’ was. Een vriendin van me heeft een kleine MKB-onderneming en draait haar beste jaar ooit… op papier. In de praktijk leiden de idioot lange betalingstermijnen tot liquiditeitsproblemen. In september moet dat volgens haar wel achter de rug zijn.

Geen geld
Kleine ondernemers met een prima lopend bedrijf hebben het dus daarom opeens zwaar. Op zich hoeft dat geen probleem te zijn, want banken kunnen een overbruggingskrediet verstrekken. Dat is verstandig, want het MKB is toch de motor van de economie.

Alleen waar het bankwezen alles mag verprutsen om vervolgens te worden uitgekocht door de belastingbetaler (lees: ook veel MKB-ers) geven zij zelf massaal niet thuis. De eerste tien ondernemers die ik erover sprak herkenden dit probleem.

Toch geld
Een vriend van me heeft een jaar geleden zijn derde bedrijf opgericht. Na investeringen wordt er omzet gedraaid. Alleen loopt hij tegen de trage werking van de economie aan en heeft hij een relatief overzichtelijk overbruggingskrediet van €60.000 nodig. Experts vinden zijn bedrijf kansrijk, maar de banken niet. En dus zou het initiatief stranden bij de geur van succes.

Om niet ten onder te gaan ging hij naar de crowdfundingwebsite waar burgers en bedrijven anderen geld kunnen uitlenen. Hij vroeg en kreeg het krediet in drie dagen bij elkaar. Tientallen investeerders hebben kennelijk wel het vertrouwen dat banken mijn goede vriend niet durven geven.

Het leuke van het systeem is dat, na de eerste screening, de investeerder zelf ook nog eens screent. Sommige projecten halen dus niet het geld op, terwijl anderen heel snel rond zijn. Zo regelen inmiddels honderden bedrijven hun overbruggingskrediet, of worden start-ups gefinancierd.

Geen bank nodig
Het vraagt natuurlijk vertrouwen van mensen om vreemden geld te lenen. Maar tot nu heeft de site via wie mijn vriend zijn krediet kreeg iedere lening kunnen innen. Kennelijk allemaal goede leningen die banken dus gewoon hadden moeten verstrekken.

Zelf mocht ik ook rekenen op de steun van honderden mensen toen het Openbaar Ministerie mij op duizenden euro’s kosten joeg door alleen achter mij aan te gaan voor het onderzoek naar de OV-chipkaart. De eerste nood van 2500 euro werd in 58 minuten geledigd. Met dank aan NU.nl, Webwereld, PC-Active en GeenStijl.

Zowel mijn vriend als de vriendin regelen hun krediet nu buiten de banken om. In het geval van crowdfunding is dat goedkoper dan bij de bank, maar ook voor de kredietverlener is het zeer aantrekkelijk: zes tot tien procent rente per jaar. Zo’n vijf keer zoveel als op een spaarrekening. Dus besloot ik ook een beetje te helpen. Van je vrienden moet je het immers hebben.