Wimbledon: 1936, het nationale trauma van Andy Murray

1936. Een jaartal dat om meerdere redenen memorabel genoemd zou kunnen worden. Het was het jaar van de Olympische Spelen in Berlijn waar Hitler de superioriteit van het blanke ras aan wilde tonen. Francisco Franco greep de macht in Spanje. Juliana verloofde zich met Bernhard.

1936 is weliswaar geen 1600, 1815, 1914, 1940 of 1945, maar nochtans is het geen misselijk jaar. Tenzij je Andy Murray heet. Wat 13 is voor bijgelovigen, 666 voor christenen, moet 1936 voor Andy Murray zijn.

76 jaar droogstand
Ieder jaar, zo halverwege juni, zoemt het jaartal rond in Groot-Brittannië. Zou het nu dan echt, voor het  eerst sinds tig jaar, gaan lukken? Inmiddels staat de teller al op 76 jaar droogte. Een Britse winnaar van Wimbledon is sinds 1936 niet meer voorgekomen. Fred Perry, ja die van het door kaalkopjes geliefde kledingmerk, was de laatste Britse winnaar van Wimbledon. In 1929 was Perry tevens de laatste niet-neurotische Aziaat die het wereldkampioenschap tafeltennis won, maar daar maalt niemand om. Sindsdien smachten de Britten naar een Wimbledonoverwinning als een obesitaspatiënt naar een Whopper.

Jarenlang droegen Tim Henman en Greg Rusedski Perry’s erfenis, maar zij konden het niet waarmaken. Henman strandde viermaal in de halve finale, Rusedski kwam niet verder dan de kwartfinale. De loden last van een naar succes hongerende natie konden zij niet dragen. Murray kwam vorig jaar heel dichtbij, maar moest in de finale de titel laten aan Federer.

Murray draagt geen kleding van Fred Perry meer
Met het winnen van de US Open was hij de eerste Brit na Perry die een Grandslamtitel in de wacht sleepte. Maar dat verdomde 1936 blijft hem achtervolgen. Zou Murray Perry soms vervloeken om de nationale last die hij heeft achtergelaten op zijn schouders? Is het daarom dat Murray in 2009 besloot niet langer in kleding van Fred Perry, maar in Adidas te tennissen? Waarschijnlijk niet. Logischer is te veronderstellen dat de 30 miljoen pond die uit de Duitse zakken zijn kant op stroomt ermee te maken heeft.

Murray hekelt 1936 niet om de Britten, maar voor de Britten. De eilandbewoners zijn goed in het uitvinden van sporten en het opzetten van traditierijke toernooien. De Britten zijn alleen iets minder goed in het winnen van de toernooien. In 1996 organiseerde Engeland het Europees Kampioenschap voetbal onder de slogan “football is coming home”, maar winnen deed men sinds 1966 niet. Het belangrijkste huis van het tennis staat in London, Wimbledon. Maar niets is lekkerder dan thuiskomen met een overwinning. Je kunt er minstens 75 jaar op teren.

Hieronder beelden van Fred Perry die (ook) in 1934 Wimbledon wint.