Histoire de l’étape 6: Daryl Impey – Het begin van iets heel groots

Daryl Impey het gehuil. Dit was kort, onmiddellik na die eindstreep en volkome verstaanbaar boonop. Maar tog: hy het gehuil. Sommige trane smaak beter as ander: Impeys trane was die smakelijkste trane wat ek in lang tyd ’n wang had sien klam.

’n Andy Murray-agtige slungel met ’t kosskoolgesig
‘N dag na die faux pas van Henk Lubberding – die even vergeet was dat daar ’n paar honderdduisend mense meeluisterden toe hy ’n donker ruiter (geen Afrikaan trouens) as’ negertje ‘gedink te moet betitel, iets waar jy as daaglikse Tourcolumnist natuurlik eintlik uiters verontwaardig oor moet wees as ’t nie so verrekt knullig was – was Afrika weer ’n bietjie meer wielercontinent. ’t Het al ’n eie ploeg, nou ook ’n eie held. Weliswaar die bleekste Afrikaan wat jy kan tref, ’n Andy Murray-agtige slungel met ’n Brits kosskoolgesig, maar tog. Dit was dieselfde dag as waarop Andrea Dijkstra ’n fyn artikel gepubliseer oor die uitstekende inisiatiewe in met name Rwanda en ek moes dink aan Jonathan Boyer, wat ooit as eerste Amerikaner ook ’n kontinent vir die Tour ontsloot, vir ’n verhouding met ’n minderjarige meisie het gevang indraaide en deesdae as newborn christian vanuit ’n skermpie in die oerwoud die Rwandese wielrennerij op ’n hoër plan probeer te bring. Lees die fantastiese verhaal van Philip Gourevitch in The New Yorker en weet: die geel trui van Impey is slegs ’n huiwerig, skynbaar deur Australiese ruimhartigheid moontlik gemaak saadjie. Dit sal nog wel even duur, maar daar kom ’n dag dat ’n Afrikaan die Tour de France wen. En die Druivenkoers, en die Profronde van Midde-Seeland en al die ander blanke vestings.

Al die nuwe went
Die wêreld verander en die sport sal vroeër of later – vermoedelik wat later, die sport te ken – mee verander. Op die dag sal die trane van Daryl Impey nog ’n laaste keer die wêreld oorgaan. Dit val nie uit te sluit dat Henk Lubberding het dan nog altyd oor ’n ‘negertje in die geel’ het, maar dan bedoel hy dat vas nie verkeerd nie. Daarbenewens: al die nuwe went, selfs in die wielrennen.

————————————————————————————————————————————– Vertaling:

Daryl Impey huilde. Het was kort, onmiddellijk na de finish en volkomen begrijpelijk bovendien. Maar toch: hij huilde. Sommige tranen smaken beter dan andere: Impeys tranen waren de smakelijkste tranen die ik in lange tijd een wang had zien bevochtigen.

Een Andy Murray-achtige slungel met een kostschoolgezicht
Een dag na de faux pas van Henk Lubberding – die even vergeten was dat er een paar honderdduizend mensen meeluisterden toen hij een donkere renner (geen Afrikaan trouwens) als ‘negertje’ dacht te moeten betitelen, iets waar je als dagelijkse Tourcolumnist natuurlijk eigenlijk uiterst verontwaardigd over zou moeten zijn als het niet zo verrekt knullig was – werd Afrika weer een beetje meer wielercontinent. Ze hadden al een eigen ploeg, nu ook een eigen held. Weliswaar de bleekste Afrikaan die je kan treffen, een Andy Murray-achtige slungel met een Brits kostschoolgezicht, maar toch. Het was dezelfde dag als waarop Andrea Dijkstra een fijn artikel publiceerde over de uitstekende initiatieven in met name Rwanda en ik moest denken aan Jonathan Boyer, die ooit als eerste Amerikaan ook een continent voor de Tour ontsloot, voor kindermisbruik het gevang indraaide en tegenwoordig als newborn christian vanuit een hutje in de jungle de Rwandese wielrennerij op een hoger plan probeert te brengen. Lees het fantastische verhaal van Philip Gourevitch in The New Yorker en weet: die gele trui van Impey is slechts een aarzelend, schijnbaar door Australische ruimhartigheid mogelijk gemaakt beginnetje. Het zal nog wel even duren, maar er komt een dag dat een Afrikaan de Tour de France wint. En de Druivenkoers, en de Profronde van Midden-Zeeland en al die andere blanke bolwerken.

Al het nieuwe went
De wereld verandert en de sport zal vroeger of later – vermoedelijk wat later, de sport kennende – mee veranderen. Op die dag zullen de tranen van Daryl Impey nog een laatste keer de wereld overgaan. Het valt niet uit te sluiten dat Henk Lubberding het dan nog altijd over een ‘negertje in het geel’ heeft, maar dan bedoelt hij dat vast niet verkeerd. Bovendien: al het nieuwe went, zelfs in het wielrennen.