Jeroen Dijsselbloem moet eerst maar eens leren beleggen

Het kan best verfrissend zijn om kersvers minister van Financiën te zijn geworden zonder je daarvoor ook maar één moment met de financiële markten te hebben beziggehouden. 

Je kijkt er anders naar dan de veronderstelde deskundigen en dat geeft je de mogelijkheid om je hardop af te vragen waarom zaken op een bepaalde manier gewoonte zijn geworden. Zoals, bijvoorbeeld, excessieve bankiersbonussen.

Maar hoe ingewikkeld dingen ook zijn geworden, we hebben het nog altijd over markten. De essentie van een markt is dat er kopers, verkopers en een voorraad mag worden verondersteld. En dat op zo’n markt in het spel van vraag en aanbod er altijd een prijs wordt gemaakt en door transacties tot stand komt.

Ik loop al een tijdje mee op de beurs, kijk er inmiddels al zo’n 25 jaar naar, en u zult mij niet horen zeggen dat ik elke beweging snap. Wat ik inmiddels wel heb begrepen is dat beleggers irrationeel handelen, koersen slaan vaak te ver door. Naar boven of beneden. En altijd is daar dan van tijd tot tijd weer eens iets dat het allemaal normaliseert. Maar er blijft gekte en Jeroen Dijsselbloem had zich maar beter in die gekte kunnen verdiepen voordat hij de waarde van de aandelen SNS op nihil stelde.

Er bestaan geen aan de beurs genoteerde aandelen waarvan de waarde nihil is, ze zijn er bij mijn weten nog nooit geweest. Een beleggersadagium is dat al het nieuws altijd in de koers is verwerkt. Goed nieuws, slecht nieuws, verwachtingen. Daar kan dan altijd nog euforisch of ronduit depressief op worden gereageerd maar er staat een koers op het bord. In het geval van SNS kon dat zeker worden gezegd. De overwegend negatieve berichtgeving was destijds niet te stoppen, ook met een onteigeningsscenario werd serieus rekening gehouden. Niettemin noteerde het aandeel de dag voor de onteigening 84 cent. Daarvoor was het ook nog wel eens wat lager geweest, maar er was een koers.

Als een beursgenoteerde onderneming in problemen komt, kan dat ertoe leiden dat de handel wordt opgeschort. Maar daarna wordt hij hervat, als iedereen het nieuws tot zich heeft kunnen nemen. Het kan zijn dat het aandeel naar het zogenaamde strafbankje moet – een ‘noteringsmaatregel’ maar dan wordt er nog altijd vrolijk in gehandeld. Soms is het dan een pennystock geworden en noteert het in centen. Maar de handel houdt pas op als het uit de notering wordt gehaald, dat kan heel lang na een faillissement zijn. Daghandelaren hebben tot die tijd vrij spel maar handel is handel, een koers een koers. En dus waarde. Tijdens zo’n laatste levensfase heb ik nog nooit een waarde van nihil over de toonbank zien gegaan. En in het geval van SNS was het nog veel te veel arbitrair om zover te komen, wat onroerend goed waard is bepaalt de markt, ook als banken hun eigen onderpand inkopen is dat een markt.

Dit is geen ingewikkelde les, iedereen kan het dagelijks op de beurs zien. Er kunnen twee redenen zijn waarom Dijsselbloem heeft gehandeld zoals hij handelde. Hij had er – op z’n Hollands gezegd – ‘de ballen verstand van’. Idem voor zijn ambtenaren en adviseurs.

Of hij is gewoon met een pistoolmitrailleur tekeer gegaan in de verwachting dat niemand hem iets zou kunnen maken. Zover is het in Nederland gelukkig nog niet zoals de Ondernemingskamer hem gisteren hardhandig heeft bijgebracht. Nu Cyprus nog.

Dr. Doom is een pseudoniem. Als belegger is hij verantwoordelijk voor het beleggingsbeleid van Beleggingsvereniging Fibonacci. Op het moment van het schrijven van deze column heeft de vereniging posities in Ahold, Akzo Nobel, ASML, DSM, Heineken, KPN, Philips, Shell en Unilever en is (heel even) Long in de AEX. De positie in de AEX is kortlopend en wisselt regelmatig. Die kan dus nu al anders zijn. Volg Dr Doom op Twitter.
———

Download de gratis app van Tablisto om ons maandblad op uw tablet te lezen
Volg HP/ De Tijd op Twitter