Mooi was die tijd: je pensioen als financiële zekerheid

Vorige week keurde de Tweede Kamer het pensioenvoorstel van de regering goed. Daarmee zouden extra belastinginkomsten van wel zo’n twee miljard binnen bereik komen.

De pensioenpremies gaan omlaag want we mogen in de toekomst, die in arbeidzame vorm veel langer gaat duren omdat we allemaal langer doorwerken, nog maar 1,75 procent per jaar opbouwen tegen 2,25 procent nu. En omdat de premies aftrekbaar waren voor de inkomstenbelasting gaan de belastinginkomsten omhoog omdat er minder afgetrokken wordt. Briljant, nietwaar?

Dat het hele plan vlak voordat de Tweede Kamer het goedkeurde eigenlijk al in de prullenmand kon omdat het na doorrekening van een van de grotere fondsen eerder tot hogere dan lagere premies bleek te moeten leiden, deed er niet toe. Een eenmaal gekozen weg wordt door onze leiders niet verlaten, ze gaan vast op het doel af. Al wachten de koplampen van de aanstormende vrachtwagen of die tweesteens muur. Het uitgangspunt van een 40 jaar durende pensioenopbouw is onrealistisch, bijna niemand haalt het. Werkloosheid, wisseling van baan, een al dan niet gedwongen bestaan als ZZP-er: het komt er allemaal tussendoor.

Bovenop dit alles kwam gisteren de melding van de drie grootste pensioenfondsen dat een nieuwe korting op de al tot uitkering komende pensioenen onvermijdelijk lijkt nu de wettelijk vereiste dekkingsgraad van 105 procent er ook na het tweede kwartaal van 2013 niet lijkt te zijn. Een wisselend beursklimaat en nog altijd veel te lage rentes maken ons pensioenrapport elk kwartaal opnieuw spannend, nog afgezien van wat ze er in Den Haag nog bovenop denken te moeten gooien.

Je pensioen, dat was nog niet eens zo lang geleden zo ongeveer de enige zekerheid die je had als je premies betaalde en de leeftijd haalde.

Wat zou het leuk zijn – en goed voor het consumentenvertrouwen – als iemand bedacht hoe die tijd terug kan komen.