Primeur: een stuk over J.D. Salinger zonder het woord ‘kluizenaar’

Eén artikel of discussie over Salinger zonder het woord ‘kluizenaar’ erin. Zonder de woorden ‘500.000 verkochte exemplaren per jaar’. Is dat nou zo veel gevraagd?

Eén artikel of discussie waarin geen genoegen wordt genomen met de observatie dat zijn werk, inderdaad, best wel wat spreektaal en slang bevat. Eén artikel – wild plan – waarin wordt verteld waaróm Salinger zo’n goede schrijver is. Over de inhoud, zeg maar. Met voorbeelden en zo. Uit zijn werk.

Salinger en Wieringa
Tommy Wieringa gaf het goede voorbeeld, in DWDD, een paar dagen terug. In de studio praatte Matthijs eerst met Katja Herbers en Jan Donkers over de nieuwe Salinger-biografie en -documentaire. En over het beste nieuws van dit jaar: er verschijnen vijf nieuwe Salinger-romans. Leuk gesprek, daar niet van.

Toen werd Tommy Wieringa geïnterviewd door Jakhals Erik. Over de invloed van Salinger op zijn werk. Wieringa vertelde dat hij voor zijn laatste roman, Dit zijn de namen, bij Salinger keek hoe je de saaiheid, de monotonie van lange dialogen doorbreekt.
‘En nu duwt de politie-inspecteur op zeker moment in het gesprek zijn neus scheef’, zei Wieringa.

Absoluut een Salinger-gebaar. Niemand kan zó goed kleine karakteristieke bewegingen of gebaren beschrijven.

Bananenvis
Voorbeeld? In het verhaal A Perfect Day for Bananafish komt Seymour (getroebleerde hoofdpersoon) de bijdehante kleuter Sybil tegen. Seymour plaagt haar, ongelooflijk grappig, eerder vals dan lief. Ze lopen naar de zee, op zoek naar een bananenvis (wat anders?). Ze kibbelen verder. Dan lezen we, zonder verdere nadruk: ‘She ran a few steps ahead of him, caught up her left foot in her left hand, and hopped two or three times.’

Nog zoiets, uit Down at the Dinghy: Boo Boo Glass, vijfentwintig, doet de ijskast open. ‘As she peered inside, with her legs apart and her hands on her knees, she whistled, unmelodically, through her teeth, keeping time with a little uninhibited, pendulum action of her rear end.’

Net als bij het hinken van Sybil, zie je door zo’n maffe, speelse beweging Boo Boo meteen voor je. Ze leeft. En je kan niet anders dan gecharmeerd zijn.

The ducks
Iets anders waar Salinger idioot goed in is. Herhaling. Dat The Catcher in the Rye een en al spreektaal is, maakt het nog helemaal geen goed boek. Belangrijker is misschien: Salinger zag dat mensen zichzelf constant herhalen.

Midden in in een Belangrijk Gesprek moet Holden Caulfield denken aan het meertje in Central Park. ‘I was wondering if it would be frozen over when I got home, and if it was, where did the ducks go. I was wondering where the ducks went when the lagoon got all icy and frozen over. I wondered if some guy came in a truck and took them away to a zoo or something. Or if they just flew away.’

Hier staat eigenlijk drie keer hetzelfde. Dat is gedurfd. Door die herhaling wordt een ‘gewone’ mooie zin onvergetelijk.

Extremely gifted genius
Er is nog zoveel meer, natuurlijk. Esmé, het vroegwijze meisje met een voorkeur voor moeilijke woorden, die haar overleden vader beschrijft als ‘an extremely gifted genius’.
Franny, die bijkomt nadat ze is flauwgevallen, en niet vraagt: ‘Where am I?’, maar: ‘Am I supposed to say: “Where am I?”’
De Laughing Man, die woont ‘in a tiny cottage with an underground gymnasium and shooting range, on the stormy coast of Tibet’.

Weinig schrijvers hebben zó veel prachtige, hilarische zinnen geschreven als Salinger. En weinig schrijvers hebben zó veel aandacht gekregen om de verkeerde redenen. Een extremely gifted genius die al vijftig jaar in de belangstelling staat, precies vanwege dat wat het minst interessant aan hem is: zijn privéleven. Alsof je over Einstein schrijft vanwege zijn vioolspel.