Duizend tinten grijs (herfst voor gevorderden)

Herfst. Als je de gemiddelde Nederlander mag geloven, overvalt hij ons land ook dit jaar weer als een insluiper.

Zodra de temperatuur ook maar een beetje daalt, de bladeren verkleuren en de eerste regenbuien zich dramatisch tegen de ramen op smijten is het verbaasde geweeklaag niet van de lucht: “Hoe kan dat nou, vorige week zaten we nog met dertig graden in de schaduw! En nu moet ineens de kachel aan!”

Clichés en kutpepernoten
Voor liefhebbers van clichés is dit een geweldige tijd. Overal hoor je dezelfde gesprekken. Over de regen, die toch heus geen pretje is. Een beetje minder mag ook wel, hoor. En dat de dagen stilaan korter worden. En wat een schande dat er nu al pepernoten in de schappen liggen. Ik hoorde zelfs iemand zeggen dat dit niet leuk was voor de Sint. Hoezo Sint, welke Sint, kon ik niet nalaten te roepen. Alsof die ouwe niet-bestaande schimmelbejaarde elke nacht in zijn niet-bestaande bedje ligt te brullen om die paar kutpepernoten. Ik riep dat niet echt natuurlijk, ik dacht het slechts, maar dat doet er niets aan af.

En hoezo, korte dagen? Mijn dag duurt nog even lang, hoor. Elke ochtend loeit hier in huize JG om zeven uur de wekker, regen of geen regen. En dat de herfst toch-ergens-ook-wel-weer-gezellig-is. Omdat-de-kachel-dan-aan-kan. Is het soms minder gezellig als de kachel uitstaat? Als iedereen op een zwoele zomeravond zit te barbecueën bijvoorbeeld? Of tijdens al die warme nachten op terrasjes vol van zalig omfloerste beloften en loom verlangen? Zit dan heel Nederland met een lange kop en rothumeur te wachten tot de-kachel-weer-gezellig-aan-kan?

Facebookgejank
Of al die depressievelingen op Facebook. Het eerste serieuze wind-en-regen-gordijn heeft ons land nog niet verlaten of het gemekker begint al. Och en ach en wee. Alles is kut, uitzichtloos en grijs. Donkergrijs. Lichtgrijs. Zwartgrijs. Geen vijftig, geen honderd, nee, duizend tinten grijs. Minstens. Nick Drake, Joy Division, Neil Young en andere rasoptimisten worden weer van stal gehaald en op het mottige herfsttoneel gehesen. “Ohoohohoo, lonesome meeeee…” zwelgt Neil voor de zoveelste keer bij de zoveelste Facebookvriend die het nu, half september, al niet meer hebben kan, al dat water, terwijl Neil zichzelf hijgend en strompelend begeleidt op zijn ongestemde gitaar.

Prozackarretjes
De prozacboeren kijken dit alles handenwrijvend aan. Herfst is voor hen zoiets als de zomer is voor ijscomannen. Ze rijden nog net niet met prozackarretjes en bellen door de straten. Toe maar jongens, laat die regen maar komen, trek die afzichtelijke regenponcho’s maar weer over je kop. Ga maar in bed liggen brullen dat alles ruk is en dat het noohooit meer goed komt, dat brengt geld in het laatje.

U begrijpt, ik doe er niet aan mee, aan dat gejank over de herfst. Mij hoor je niet klagen. Geen cliché rolt er over mijn lippen. Van mij geen treurconcert noch een program. Na mij de zondvloed.