Douane-angst: ‘Miss, do you have a problem with the USA?’

Ik land in New York vanuit Sao Paolo, Brazilië. Ondertussen heb ik mijn paspoort met het complete arsenaal van Midden-Oosten stempels ingewisseld tegen een nieuw schoon Nederlands paspoort. Geen spoortje islamitisch inkt, maar toch ben ik zenuwachtig als ik bij de chagrijnig kijkende Amerikaanse douanebeambte sta te wachten.

“Why are you alone?” vraagt hij. Omdat ik alleen op reis ben?! Rare vraag.
“Wat is je vluchtnummer?” Ook zo’n rare vraag, dat weet ik natuurlijk niet uit mijn hoofd. “Dat staat op mijn bagagesticker, op mijn paspoort geplakt,” zeg ik, terwijl hij die nog steeds tussen zijn worstenvingers houdt. Hij schudt zijn hoofd, nee, nee, nee, wat ik zeg: helemaal verkeerd. Hij bladert irritant langzaam door mijn paspoort heen. Nu begint hij druk te telefoneren en ik hoor hem mijn paspoortnummer en volledige naam doorgeven. Even later gaan zijn dunne lippen dan eindelijk weer van elkaar af en vraagt hij letterlijk:

“Miss, do you have a problem with the USA?”
– “No sir, I do not.”
“Well miss Hannema, I think you do.”
– “What the fuck!”

Meelopen!
Of ik zo vriendelijk wil zijn niet te vloeken en mee te lopen met zijn twee collega’s, die al aan komen lopen om mij te begeleiden. Allebei ook in uniform en handpistolen opvallend zichtbaar aan hun riemen. Ik snap er niets van en heb ontzettend zin om ruzie te maken.
Bellen, ja, ik moet naar mijn ouders bellen, vertellen dat de Amerikanen mij te pakken hebben, straks kom ik verdorie nog in Guantanamo Bay terecht. Die gasten werden toch ook zonder reden opgepakt?

Nigeria en Colombia
Maar als je bij één douane beter geen ruzie kunt maken, dan is het de Amerikaanse wel. Dus loop ik zonder iets te zeggen mee met de mannen. Bellen mag niet.
Een bedompte, warme ruimte met lage plafonds, TL-licht, vol met mensen die toch duidelijk een donkere huidskleur met elkaar gemeen hebben. Ik ben zover ik kan zien de enige met blond haar en een Noord-Europeaans uiterlijk. Omdat ik hier vervolgens uren en uren zit te wachten op een kuipstoel en alle verhalen hoor langs waaien, weet ik dat de meeste passagiers uit Nigeria en Colombia komen.

Milkshake slurpende agenten
De agenten achter de vijf balies gedragen zich autoritair en lomp: ze schreeuwen tegen oude vrouwen die geen Engels spreken, gooien met paspoorten omdat mensen geacht worden ‘lekker nog maar even te wachten’, ze doen lacherig als een moslimfamilie bij hun desk wegloopt en een groepje mensen met dorst wordt zonder opgaaf van reden water ontzegd. Mijn paspoort is al uren in handen van deze milkshake slurpende agenten die duidelijk niet met macht om kunnen gaan. Ik weet ook nog steeds niet waarom ik een probleem heb met de Verenigde Staten. Als ik moet plassen, krijg ik een beveiliger mee die mij begeleid naar het vrouwentoilet en letterlijk voor mijn wc-deur blijft staan tot ik klaar ben.

Het keppeltje
Drie uur later komt er een Joodse agent met een keppeltje op zijn achterhoofd naar mij toe, of ik zo vriendelijk wil zijn om met hem mee te lopen. Of ik de afgelopen jaren met verschillende paspoorten het land ben binnen gekomen.
Ja, dat klopt.
“Aha”, zegt de man met het keppeltje, “duidelijk, het was een foutje van de computer, u kunt weer gaan.”
Ik zeg tegen hem dat er allerlei mensen zitten te wachten die dorst hebben, ik ook, want na uren wachten na een vlucht van twaalf uur krijg je een droge waffel. Hij lacht een beetje en haalt zijn schouders op. En met mijn paspoort in de hand geduwd mag ik nu zonder begeleiding de deur door naar de gang, richting de bagagebanden.

Dunne scheidslijn
Het was een wreed inkijkje in de wereld van de Amerikaanse douane waar respectloos, autoritair en racistisch met gestrande passagiers wordt omgegaan. Waarom ze mij precies hebben vastgehouden? Ik vermoed dat zij het feit dat ik twee Nederlandse (!) paspoorten op mijn naam had staan niet erg vertrouwenswaardig vonden. Het ene moment kan je dus behandeld worden als crimineel en het volgende moment ben je de welkome gast die centjes gaat uitgeven in koffiebars in Brooklyn. Die dunne scheidslijn meemaken vond ik verontrustend.

Reisjournalist Iris Hannema (1985) reist sinds 2008 schrijvend en fotograferend, in haar eentje, de wereld over. Als u wilt weten waar zij zich nu bevindt, kunt u haar volgen op Twitter.