Ode aan Lou Reed

Dag Lou. Ik hoorde zondagavond dat je dood was. Ik wist niet dat dit kon, jij ouwe rock-’n-roll animal-reus, ik was er heilig van overtuigd dat je net als Keith het eeuwige leven had, maar blijkbaar dachten ze daar hierboven anders over.

Velvet Underground
Nou. Zitten we dan. Op Facebook heeft iedereen het over je, Lou. Ik ook. Zondagavond deelde ik daar Ocean via YouTube, van toen je nog in de fluwelen ondergrond verkeerde. Gelukkig zat er geen reclame bij. Dat vind ik altijd zo irritant. Heb je zin in een fijn liedje, moet je eerst drie krijsende papegaaien met chips in hun klauwen aanhoren. Tegen de tijd dat ze zijn uitgegild is mij de zin alweer vergaan. Heb jij dat ook, Lou?

Nico
Bij DWDD herdachten ze je maandagavond met leuke stukjes en zo. Ik heb zelf niet gekeken, maar dat zeiden ze op Facebook. Nico Dijkshoorn schijnt een Lou Reed-gedicht te hebben voorgedragen. Ik moest ooit eens als dichter optreden tijdens de Amsterdamse Boekennacht. Nico moest na mij en deed toen ook een Lou-gedicht. Ik vond het erg leuk. Op Facebook heb ik nogal wat dichters en schrijvers in mijn vriendenlijst. Dichters en schrijvers vinden Nico geen echte dichter. Ik weet nooit zo goed wat een echte dichter is. Ik schrijf zelf gedichten bijvoorbeeld, maar in hoeverre ik echt ben? Ik moet dat snel eens aan een schrijver vragen. Die weten namelijk alles. Over goed en slecht, zwarte Piet en over Nico dus.

Nee Lou, niet jouw Nico, ónze Nico bedoel ik. Die van ons is dik, praat monotoon en heeft een baard. Die van jou was dun, had lang blond haar, zong monotoon en lazerde op Ibiza van haar fiets. Dood. Wat dat betreft doe jij het beter, Lou. In mei dit jaar onderging je nog een rock-’n-roll-waardige levertransplantatie. Misschien had je gelijk je bloed moeten laten transplanteren, net als Keith. Wie weet had je dan nog geleefd. Keith kan sinds die ingreep zelfs kokosnoten terugkoppen, need I say more? Maar ja, da’s allemaal gelul achteraf natuurlijk.

Stay on the wild side
Ik zit hier inmiddels heel rustig dit stukje te tikken, maar toen ik het nieuws hoorde van je dood, draaiden mijn harses toch wel even een driedubbele axel, hoor. Sjessus man. Drie miljoen uren heb je tussen mijn oren rondgezongen door krakerige walkmankoptelefoontjes in treinen, verre oorden, doolhuizen, desolate bossen, op zandgronden en Jezus Koeristus mag weten wat voor een vage plekken meer. En hoe bizar en grillig de wereld ook was, jij zong altijd dezelfde liedjes. Altijd! Kom daar nog maar ’s om. Of ik je ooit live heb gezien, weet ik niet zeker. Ik kan me vaag herinneren dat ik je in 1992 op Pinkpop zag. Mijn herinneringen uit die tijd zijn voor een groot deel in hasjluchten opgegaan. Ik doe tegenwoordig aan frisseluchttransplantatie. Elke dag keer ik mijn longen binnenstebuiten als ouwe dekbedhoezen en inhaleer een verse snuif in het bos. Maar nu moet ik afsluiten, Lou. Onze wereld bestaat vandaag uit 500 woorden. 517 om precies te zijn. Dus. Bedankt man. Stay on the wild side. En doe Nico de groeten.