Hoe Nederland stabiliteit brengt in het geteisterde Mali

Nederland gaat op avontuur in Mali en dit keer wordt het handje van grote broers als Duitsland losgelaten. Een groepje dappere Nederlandse militairen gaat zijn best doen om het door rebellen verscheurde land te stabiliseren en vooruit te helpen. Maar of dat ooit gaat lukken?

De introductie van de Nederlandse missie leest in ieder geval als een spannende avonturenreeks à la Kuifje in Mali. Voor zo’n 380 militairen is het echter realiteit. Zij moeten in 2015 inlichtingen verzamelen en deze analyseren voor de Verenigde Naties. Het Nederlandse clubje loopt daarmee internationaal gezien voorop, want veel andere landen blijven voorlopig in Mali achterwege met militairen. Maar Nederland wil vermoedelijk ook niet bekend staan als dat landje dat altijd anderen de kastanjes uit het vuur laat halen dus besloot minister Hennis-Plasschaert dat het tijd is voor actie.

De straatarme bevolking van Mali wordt al lange tijd geteisterd door extremistische rebellen. Honderdduizenden dakloze mensen kunnen met amper wat te eten niets anders dan toezien hoe de oorlog blijft doorgaan.

Hennis-Plasschaert kan in ieder geval opgelucht ademhalen dat de actie er doorheen komt – ze noemde het verbeteren van de veiligheid ‘cruciaal’. De timing lijkt bovendien uitstekend, aangezien dinsdag bekend is geworden dat de drie grootste rebellengroepen samen zijn gegaan om sterker te staan bij de vredesonderhandelingen. Ze zullen zich voorlopig ontwapenen. Dat lijkt goed nieuws voor de Nederlanders die straks die kant op moeten.

Wespennest
We kunnen ons echter afvragen in hoeverre het gevaar dan geweken is. Vooral in het Noorden van Mali is het een levensgevaarlijk wespennest gebleken, en het valt ook niet uit te sluiten dat de Nederlanders met hun gestabiliseer de aandacht van extremisten uit andere landen trekken. Twee Franse journalisten moesten hun bezoek eerder deze week met de dood bekopen.

De komst van meer militairen kan voor terroristen dan ook een nieuwe reden voor aanvallen zijn en dan is het maar afwachten hoe veilig de vertrekkende Hollanders zijn. De rebellen kennen de woestijn als geen ander en zijn na een aanval vaak als sneeuw voor de zon verdwenen. Dan zijn er nog eventuele bermbommen die elke voorbereiding op gevaar overhoop kunnen gooien. Deze keer heeft Nederland zich opgeworpen als één van de hoofdrolspelers in deze vredesmissie. Bij eerdere missies van de VN, zoals de missie in Soedan met 69 deelnemers, of in Tsjaad met dertien anderen, konden we ons verschuilen achter anderen. Nu wordt dat iets lastiger. Dat vredesmissies niet zonder gevaar zijn, blijkt wel uit de laatste in Afghanistan waar tientallen Nederlandse doden vielen.

Realistisch
Hennis-Plasschaert blijft vooralsnog realistisch over de uitkomsten van het ongewisse avontuur. “Er zal veel inzet moeten worden geleverd om het staatsgezag in Mali terug te brengen”, zegt ze tegen NU.nl De focus van Nederland zal voorlopig alleen gericht zijn op het terugbrengen van de macht bij de staat en bij de VN. Nederland moet dus rekening houden met gevaar. Mocht het allemaal echt uit de klauwen lopen, dan is er nog altijd de hulp van de meegestuurde apache-helikopters, de VN en de Franse militaire macht, maar beslissen om weg te lopen voor de genomen verantwoordelijkheid kan dan niet meer.