Armoede neemt toe onder kinderen, maar 2014 brengt hoop

In 2012 is de armoede in Nederland aanzienlijk toegenomen. Maar liefst 664.000 huishoudens (9,4 procent van de bevolking) leeft onder de lage-inkomensgrens. In 2013 zal dit aantal opnieuw toenemen (9,9 procent), hetzij niet zo sterk als in 2012. En ziedaar, er is ook een lichtpuntje te ontdekken aan de horizon: in 2014 wordt verwacht dat de armoede afneemt. Voor het eerst sinds de het begin van de crisis in 2008.

Dat blijkt uit het rapport Armoedesignalement 2013 van het Centraal Bureau voor Statistiek (CBS), dat ook meldt dat het aantal arme minderjarigen is toegenomen. Sinds 2007 zijn er meer dan 100.000 bij gekomen. Van alle kinderen leeft 11,4 procent onder de armoedegrens, 384.000 in totaal. Er zijn in Nederland 1.197 miljoen mensen die onder de lage-inkomensgrens vallen en bijna een derde daarvan is dus jonger dan achttien. In 2013 zal ook dit aantal nog een beetje toenemen, maar zelfs dan is het nog niet zoveel als tijdens het absolute dieptepunt in 1994: toen leefden 421.000 (13 procent) minderjarigen in armoede.

Een verhoogd risico op armoede is er voor minderjarigen in een groot gezin. Hoe meer broers en zussen, hoe armer je bent. Ook kinderen van Marokkaanse, Turkse en Poolse afkomst of uit landen uit de voormalige Sovjet-Unie hebben een hogere kans op armoede. De armoederisico’s zijn dan ook het hoogst bij niet-Westerse huishoudens (29 procent), drie keer zoveel als gemiddeld en zelfs vier keer zoveel als autochtone huishoudens (6,9 procent). En in bijstandsgezinnen hebben kinderen het ook niet makkelijk, liefst 60 procent valt onder het niet-veel-maar-toereikendcriterium. Maar uit de absolute aantallen blijkt dat de meeste arme kinderen gewoon autochtoontjes zijn met werkende ouders. Logisch aangezien er zijn meer autochtonen dan allochtonen zijn.

Bijna 25 procent van alle arme huishoudens was in 2011 te vinden in de vier grote steden: Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht (alleen laatstgenoemde valt met 10,1 procent buiten de top tien van plaatsen met de het hoogste aantal arme huishoudens). Niet heel gek, want veel risicogroepen bevinden zich in grote getale in deze steden: niet-westerse allochtonen, mensen in de bijstand en werklozen met een uitkering.

Een andere zorgelijke toename is het aantal huishoudens dat in langdurige armoede leeft, inmiddels is dat opgelopen tot 170.000. Minstens vier jaar leven deze gezinnen onder de armoedegrens.

cbs

Aantal huishoudens met een laag inkomen per gemeente, 2011
(via.)

Overigens is Limburg met drie gemeenten (Vaals, Kerkrade en Heerlen) hofleverancier van de top tien.

Gelukkig voor de arme kinderen staan er veel mensen klaar om ze te helpen. Zo is er de Sinterklaasbank, omdat niemand mag in deze tijd buiten de boot vallen. De PvdA wil 40.000 arme kinderen extra aan het sporten krijgen en daarvoor extra geld in het sportfonds steken. En de kinderombudsman pleitte in juni voor een kindpakket, zodat zwemles, kleding en bibliotheekpassen ook voor de armere kinderen beschikbaar blijven.