Mini-reisgids voor een ontdekkingstocht door Uruguay

Nu we legaal wiet mogen roken in het Zuid-Amerikaanse Uruguay, wordt het tijd om dit pietepeuterige en tevens meest liberale land van het continent eens op te hemelen.

Hutjemutje in Mar del Plata
De Argentijnen vinden Argentinië stukken beter, geweldiger en cooler, maar over één ding zijn ze het eens: de stranden van Uruguay zijn mooier dan die van Argentinië. Wie ooit in de januarimaand in de Argentijnse badplaats Mar del Plata is geweest, weet wat ik bedoel: een verschrikking van schreeuwende, dronken Argentijnen die denken dat ze Italianen zijn, en dat in een lelijke, veel te hete stad, hutjemutje maté drinkend op een te klein stadsstrand.

Pinnen in Uruguay
Toen ik in Buenos Aires woonde, ging ik vaak met een aan Texel herinnerende boot naar ‘de overkant’: Uruguay. Niet (alleen) voor het strand noch om wiet te kopen, want dat verbouwt elke zichzelf respecterende Argentijn zelf op zijn balkon, maar om Amerikaanse dollars te pinnen. Vanwege een enorme vertrouwensbreuk met hun eigen munteenheid, de peso, die een nogal omstreden verleden heeft, willen de Argentijnen het liefst Amerikaanse dollars. Maar dat heeft de regering liever niet, dus kun je geen dollars uit de Argentijnse pinautomaten trekken.

Run op harde dollars
Gevolg: in Argentinië is al jarenlang een run op dollars gaande, en de zwarte markt van ‘the blue dollar’ is een gouden handel geworden. Wat een geluk dus dat op twee uur varen Uruguay ligt en de muren daar wél vol zitten met knisperend verse Amerikaanse dollars. Zodoende nemen in Argentinië wonende buitenlanders veelvuldig de boot om te pinnen (zo vernieuw je tevens je Argentijnse visum: hup, even naar de buurman en bij terugkomst aan Argentijnse wal kun je weer drie maanden lang legaal biefstuk eten). Maar naast al die administratieve voordelen vond ik Uruguay een geweldig leuk land, met immer vriendelijke mensen.

Hannema’s mini-reisgids voor Uruguay:

Colonia del Sacramento – In de volksmond gewoon Colonia. Ligt letterlijk aan de overkant van Buenos Aires en wordt vaak bezocht als dagtrip vanuit de Argentijnse hoofdstad. Colonia is zo’n ongelooflijk mooi en lieflijk dorp, met een Portugal-achtige sfeer, dat ik er ooit in een vlaag van verstandsverbijstering bijna een huis heb gekocht.

Montevideo – De meest relaxte hoofdstad van Zuid-Amerika. ‘s Avonds is er in de bars livemuziek. In het midden van het centrale plein, het Plaza Independencia, staat een van de meest verrassende toeristische attracties: het Artigas Mausoleum. Je zou het haast over het hoofd zien, maar loop de trap af en je waant je in een soort sciencefictionwereld. Op ditzelfde plein staat mijn favoriete gebouw, het Palacio Salvo. Zet me er voor op een bankje en je hoort me voorlopig niet meer (een zeldzaamheid, inderdaad).

Punta del Este – Het enige echte Zuid-Amerikaanse Monaco. Laat je hier inspireren door Chanel-pakjes, chihuahua-hondjes, siliconenborsten- en lippen en de nieuwste blondeertechnieken voor hoofd- en borsthaar. Dit is de place to be om Zuid-Amerikaanse beroemdheden te spotten (en dus ook paparazzi). Vanzelfsprekend zijn hier prachtige, super-de-luxe resorts; wel eerst sparen voordat je er gaat logeren. Wie ging je voor in 2011? Een prins uit het echte Monacao, Pierre Casiraghi, de zoon van Caroline.

Punta del Diablo – Letterlijke vertaling: Duivelskaap. Deze badplaats heeft een relaxte kampvuur- en surf-vibe, met goede hostels aan zee en een geweldige branding. De plaats dankt zijn diabolische naam dan ook aan de wind, die praktisch altijd zo heftig is dat je beter geen hoed of honkbalpet op je hoofd kunt zetten. Slechts driehonderd kilometer rijden vanaf de hoofdstad Montevideo (voor Zuid-Amerikaanse begrippen een afstand van niks).

La Pedrera – Een badplaatsje dat furore maakte door een artikel in The New York Times. La Pedrera zou een ‘chic bohemian upcoming’ reisbestemming zijn. En daar is niets aan overdreven: je kijkt je ogen uit aan de knappe zongebruinde surfers die misschien niet echt kunnen surfen, maar die wel heel aantrekkelijk met een board rondlopen. Daarnaast vind je hier prachtig (en duur) geklede semi-hippiegezinnetjes, van wie mama model is en papa een latino-god. Het dorp ligt op een heuvel met een spectaculair uitzicht op de Atlantische Oceaan.

Vrienden maken in Uruguay doe je zo: strooi met complimenten over de overheerlijke smaak van de maté, een sterke kruidenthee, die de nationale verslaving is. De maté-bekers en thermosflessen gaan in Uruguay altijd en overal onder de arm mee. Maté is het levenselixer voor de Uruguayaan. Het is weliswaar niet te drinken, maar zeg dat je het héérlijk vindt en je kunt simpelweg niets meer fout doen.

Reisjournalist Iris Hannema (1985) reist sinds 2008 schrijvend en fotograferend in haar eentje de wereld over. In februari 2014 debuteert ze bij De Arbeiderspers met ‘Miss yellow hair, hello!’ Als u wilt weten waar ze zich nu bevindt, kunt u haar volgen op Twitter.

Meer leuke content? Like ons op Facebook