De tijd als kostbaar kristal

Om vat te krijgen op de oceaan van seconden die ons zijn voorafgegaan en nog zullen volgen, verdelen we de tijd in eeuwen, en de eeuwen in jaren. Misschien is nieuwjaar wel de opgestoken middelvinger van de mens in het grijnzende gezicht van de tijd: als zand glijdt die steeds door onze vingers, maar bij elk nieuw jaar doen we onszelf geloven dat we de klok even kunnen stilzetten.

Elk jaar kent zijn momenten die je met de kracht van een alchemist zou willen omtoveren tot meer dan voorbijgaande gebeurtenissen. Als het kon, zou je de tijd dat ze duurden willen kristalliseren, zodat ze nooit het lot hoeven te ondergaan dat helaas veel herinneringen is beschoren: hoe ouder ze worden, hoe dieper ze de trap afdalen naar de kelder van je geheugen, waar de tijd hen hun scherpe kleur en geur doet verliezen.

De geboorte van het eerste kind van mijn beste vriendin is zo’n moment. Twintig jaar lang al zijn wij twee handen op een buik, en plots kreeg die buik een bolle vorm en werd Lisanne geboren. Die vijf seconden toen ik de ziekenhuiskamer binnenstapte en M. met haar dochter in haar armen zag liggen: maak; Gezwinde Grijsaard genaamd Tijd, van mij een alchemist, zodat ik de herinnering kan omzetten in goud dat nooit zijn glans verliest, ook niet als ik versleten ben en mijn geheugen, wie weet, beslist met pensioen te gaan.

Ook hiervan wil ik goud maken: het moment waarop hij van wie ik wist dat hij me dierbaar zou zijn vanaf de eerste seconde dat ik hem ontmoette, mij op een zachte herfstdag een sms stuurde met daarin deze verzen van Paul Verlaine: “Les sanglots longs
/des violons
/ de l’automne
/ blessent mon cœur
/ d’une langueur
 monotone.” Hij hield van dezelfde verzen als ik, en ik wist dat hij eeuwig een plek in mijn hart zou hebben, en niets dat ooit zou kunnen veranderen.

Misschien wel het mooiste moment van het afgelopen jaar speelde zich gisteren af. Mijn nieuwe roman gaat over mijn grootmoeder en vertelt het verhaal van haar leven aan de hand van het huis waarin ze zestig jaar woonde en moest verlaten om plaats te maken voor een industriezone. Vaak praat ik met mijn moeder over het boek, en vorige week zei ze me dat er één video-opname moest bestaan waarop grootmoeder was te zien. Mijn hart sloeg een tel over: zou het echt kunnen, dat ik haar negentien jaar na haar dood weer tot leven zou zien komen?

Het kon. Gisteren bracht een van mijn neven de videocassette van zijn huwelijk. Ik zag grootmoeder in de kerk en op het feest. Ze glimlachte van trots en had een blos op de wangen. Ze zat weer naast me, en ik hoorde opnieuw de kleur van haar stem. Er rolde een traan over mijn wang, en ik spoelde terug, en keek – opnieuw en opnieuw en opnieuw.

Het boek over mijn grootmoeder, besefte ik, is een poging om alchemie te bedrijven en haar weer tot leven te wekken – langduriger en blijvender dan de video-opname dat is. Eigenlijk is dat wat elke schrijver doet: pogen de tijd te kristalliseren in bladzijden die daarna een eindeloos aantal keren tot leven kunnen komen. Een opgestoken middelvinger in het grijnzende gezicht van de tijd.

Ik wens u allen een nieuw jaar waarin u tijd maakt om van de tijd kostbaar kristal te maken.