Waarom het verhogen van de leeftijd voor alcohol geen zin heeft

Op 1 januari is de leeftijdsgrens voor het kopen van alcohol verhoogd van 16 naar 18 jaar. Het leek mij een slecht begin voor tieners (en comazuipers). En ook voor kroegeigenaren geen vrolijke start van het nieuwe jaar.

Maar toen dacht ik terug aan de tijd dat ik mijn eerste fles Lambrusco – de goedkoopste wijn die toen in het schap stond – soldaat maakte. We waren 14 jaar en spraken af met iets oudere jongens, op de hei bij “Lokaal 104”, zo noemden wij onze hangplek tussen de bomen. Het was niet meer dan een verzameling kussens, oude tuinmeubels en een hangmat, gerangschikt in een cirkel, op een beschutte plek tussen de bomen. Het populairste meisje van de groep lag altijd in de hangmat, niemand sprak dat tegen.

De iets oudere jongens namen de drank mee, wij hoefden daarvoor niets te doen behalve onze wensen doorgeven, om legitimatie werd in onze hangclub niet gevraagd. En in de supermarkt vroeg ook niemand voor wie het bier was en voor wie dan de Lambrusco.
We dronken totdat het op was. Er werd getongd, gelachen en door een enkeling gebraakt. Dat laatste gebeurde meestal als je thuis was, of in de taxi die je ouders uit veiligheidsoverwegingen voor je betaalden, of op de oprit, in de buxus bij de voordeur.

Toen we de Lambrusco zat waren, gingen we over op bessenjenever. Daar moest je 18 jaar voor zijn geloof ik, maar dat zorgde verder niet voor problemen. Als jong ding van 16 in een club hoefde je vaak niet voor je drankje te betalen: de “bessen” was de barmans treat. Of laten we zeggen: de barmans investering. Het verschilde per persoon of dat een lange termijn- of een korte termijninvestering was.

Wat ik wil zeggen is: het maakt geen donder uit wat de leeftijdsgrens voor alcohol is, de meisjes regelen het toch wel. En de jongens trouwens ook. Part of the game of life, zeker als je jong bent.

Meer leuke content? Like ons op Facebook