Komt HFC Haarlem terug in het profvoetbal?

Circa vier jaar naar het faillissement van HFC Haarlem is er weer een teken van leven. Zakenman Erik de Vlieger gaf aan een terugkeer van de profclub financieel te willen ondersteunen.

Supporters verzamelden al bijna 5.000 likes middels de Facebookgroep “In Haarlem hoort een betaald voetbalclub”. Mooi initiatief, al kun je afvragen hoe levensvatbaar zo’n voetbalclub is. Niet alle likes zullen elke week in het stadion zitten. Zullen er naast De Vlieger nog genoeg sponsors opstaan? En moet de gemeente bijspringen als er per wedstrijd nauwelijks 2.000 van de 155.000 inwoners in het stadion zitten?

Het prachtig aftakelende stadionnetje aan de Jan Gijzenkade, daar waar de tijd de afgelopen jaren rustig doorvrat aan de tribunes. In 2012 mocht ik in het stadion meespelen in een wedstrijd tussen voetbaljournalisten en voetbalbloggers. Het evenement stond in het teken van het fijnbesnorde Haarlem-icoon Abe van der Ban. Veel Haarlem-fans grepen de dag aan voor een reünie. De kantine rook zoals een voetbalkantine na een wedstrijd hoort te ruiken: een melange van gemorst bier, frituurvet en doorregende jassen. Maar één ding ontbrak: een echte wedstrijd die geëvalueerd kon worden. (Ons potje herfstavondvoetbal telt niet).

HFC Haarlem wordt node gemist
Wat rest zijn herinneringen. Ik vroeg een jongen, die ik ergens midden twintig schatte, hoe hij het verlies van zijn club had verwerkt. Hij was er kapot van geweest. Zijn leven was overzichtelijk. Doordeweeks overdag arbeid en van de overige tijd ging het grootste deel naar HFC Haarlem. Achter de bar in de kantine, spandoeken maken, merchandise verkopen en vervoer regelen voor de komende uitwedstrijd. De club mocht in de stad dan weinig tot de verbeelding spreken, de fans die wel kwamen waren een hechte familie. Familieleden met bijnamen, eigenaardigheden en een roodblauw hart als bindmiddel. Bij uitwedstrijden was de meereizende groep soms niet groter dan een kleine schoolklas.

Het faillissement van Haarlem voelde voor de jongen als een bankroet van zijn bestaan. Weekenden werden leeg. Sommige familieleden verloor hij uit het oog. Niemand om boos of teleurgesteld, maar bovenal trots op te zijn. Na de ondergang van de voetbalclub voelde hij zich verslagen en wist zich geen raad met de achtergelaten leegte. Uiteindelijk besloot hij zijn baan op te zeggen en te gaan reizen. De leemte van de kleine familie werd opgevuld met verre reizen door onder meer China en Australië. Een mooie tijd, maar het heeft het gemis van Haarlem niet verdrongen. Terug op het oude nest staat hij af en toe in het clubhuis als het stadion is verhuurd voor evenementen. Stiekem hopend op de dag dat Haarlem weer terugkeert in het profvoetbal. Eindelijk weer met de familie op vrijdagavond naar Oss, Emmen of Sittard voor een draak van een wedstrijd. Het zij ze gegund daar in Haarlem.