Jeroen Dijsselbloem houdt rekening met vertrek naar Europa

Goed nieuws voor de continuïteit van bestuur in Nederland. Jeroen Dijsselbloem, de beste politicus van 2013, wil tot het einde van de kabinetsperiode aanblijven als minister van Financiën.

Dit liet hij weten na een Brussels overleg met de schatkistbewaarders van de andere Eurolanden. Voor uw gemak lezen wij tussen de regels door en luisteren naar dat wat niet gezegd is. Dat geeft een heel ander beeld.

Brussels geroezemoes
In Brussel is de geruchtenstroom al weer druk op gang gekomen met het oog op de verkiezingen en de vorming van een nieuwe Europese Commissie. Als rijzende ster in binnen- en buitenland wordt ook de naam van Dijsselbloem genoemd als mogelijk fulltime voorzitter van de Eurogroep of, belangrijker, als commissaris. Dijsselbloem reageerde als gezegd geruststellend:

‘Ik heb al een baan. Ik ben minister van Financiën en parttime Eurogroepvoorzitter tot de zomer van 2015. Dat blijf ik doen.’

Mooi zo!

Verder liet de minister weten niet mee te willen doen aan ‘het grote stoelendansspel’. ‘Zover als ik weet, doe ik dit tot de zomer van 2015. Als dat verandert op enig moment, dan hoop ik dat ik de eerste ben die dat hoort.’

En… daar gaan we.

Eurospeak
In Europa betekenen woorden vaak iets anders dan in het dagelijks leven, zeker als het om baantjes gaat. De geschiedenis wijst uit dat er eigenlijk nog nooit iemand een functie heeft gekregen waar hij of zij kandidaat voor was. Wonderlijke gang van zaken, maar zo gaat dat blijkbaar in Brussel. Koning van de Eurospeak was onze vorige premier. Let vooral op het patroon, en zoek de herkenningspunten.

Balkenende liet keer op keer weten niet uit te zijn op het presidentschap van de EU – hij is er nog altijd ziek van dat hij het niet is geworden, overigens – in de volgende bewoordingen*:

*Voor het gemak hebben wij de moderne vertaling van Dijsselbloem er nog even tussen haakjes achter geplaatst

1) ‘Ik wil van deze kabinetsperiode een succes maken’. (‘Ik blijf tot 2015.’)

2) De speculaties van destijds noemde hij een ‘gezelschapsspel van de media.’ (‘Ik doe niet mee aan stoelendansspel.’)

3) En als klap op de vuurpijl: ‘Ik ben niet benaderd voor een overstap naar Europa, dit is niet aan de orde.’ (‘Zo ver als ik weet, doe ik dit tot de zomer van 2015. Als dat verandert, hoop ik dat ik de eerste ben.’)

Gewone mensentaal
In gewone mensentaal bleek dit al iets heel anders te betekenen:

1) ‘Ik wil niet op voorhand zeggen dat ik liever een andere baan wil. Ouwe schoenen weggooien voordat ik mijn kekke Europese kicks binnen heb? Mooi niet!’

2) ‘U bent goed in raadspelletjes, maar ik speel niet mee als u iedere keer wint.’

3) ‘Zolang ik geen contract zie ontken ik alles.’

Commissaris
En het is ook werkelijk geen gek idee dat Dijsselbloem gevraagd zal worden als commissaris met een zware portefeuille. Door het gezwalk van Balkenende bleef er voor Nederlands trots in Europa, Neelie Kroes, vijf jaar geleden niets anders over dan commissaris te worden van smartphones en laptops. (In keurig Eurospeak heet dat dan Digitale agenda.) Na vijf magere jaren ligt het voor de hand dat Nederland in aanmerking komt voor een belangrijke positie in de commissie. En wie is er dan beter dan het Europese wonderkind? De ‘eurospeak’ beheerst hij al.