Šeki uit De Bus en het einde van de angst

Elke tijd heeft zijn eigen angst.

In de laatste eeuw voor Christus waren de mensen bang dat de hemel op hun hoofd zou vallen. Vervolgens vreesde men een kleine twee millennia de toorn Gods, daarna de bom, en tegenwoordig de moslims.

In het voorjaar van 2000 waren we bang voor Šeki.

Aldi
SBS 6 was ook toen al de Aldi onder de televisiezenders. Het aanbod komt min of meer overeen met dat van andere zenders, de uitvoering is schraler, goedkoper. Šeki zat in het programma De Bus, de SBS 6-variant op Big Brother. Die programma’s verhielden zich tot elkaar als een kotsende crackhoer tot de koningin; in de basis hetzelfde, maar om samen met je schoonouders naar te kijken is het ene geschikter dan het andere.

In Big Brother zaten redelijk normale mensen (voor zover je iemand die zich drie maanden vrijwillig laat opsluiten in een huis vol camera’s ‘redelijk normaal’ kan noemen). Bij De Bus zette men vol in op ruziezoekers, zakkenwassers en imbecielen. Big Brother speelde zich bovendien af in een huis en De Bus in een, nou ja, in een bus dus. Hoewel ik nooit in een bus heb gewoond, kan ik me voorstellen dat zoiets op den duur tot frustraties leidt.

Vermeende homofoob
Het belangrijkste verschil zat hem in de wijze van elimineren. Bij Big Brother moest de persoon die de meeste tegenstemmen kreeg het huis verlaten. Politiek correct Nederland sms’te de vermeende homofoob Martin bij de eerste de beste mogelijkheid massaal het huis uit. Grijze muizen als Maurice en Karin (wie kent ze nog?) kwamen opmerkelijk ver.
In De Bus ging het andersom: de persoon die de minste publieksstemmen kreeg kon vertrekken. Dat waren vooral de onopvallende types. Uitgesproken eikels die er in het Big Brother-systeem snel uit zouden vliegen bleven in De Bus juist het langst zitten. Dat leverde een hoop ruzie en chaos op en dus spannende televisie.

(Ons politieke systeem hanteert dezelfde stemmethode als De Bus.)

Door de duivel bezeten
Šeki was de grootste herrieschopper van allemaal. Een Rotterdamse havenarbeider van Bosnische komaf met het uiterlijk van een door de duivel bezeten pre-haircut Andre Agassi. Šeki had twee specialiteiten: ruzie maken en schreeuwen. Meestal combineerde hij die twee. Hij kreeg bijna elke avond wel iemand aan het janken. Die joeg hij dan de bus uit, onderwijl heel hard ‘vamos’ roepend – in een mij niet bekende taal de overtreffende trap van ‘flikker op’. Ik sliep slecht in die tijd.

Op een dag was Šeki verdwenen. Er deden verhalen de ronde dat hij een strafblad had. Afpersing, moord, massamoord. SBS 6 zweeg het voorval dood. Na een paar weken had niemand het er meer over.

Een keer per jaar denk ik aan Šeki. Dan google ik hem en vind ik weinig meer dan zijn single Vamos Snel De Bus Uit. Een draak van een nummer, met alle respect.

Einstein
Onlangs stuitte ik op iets groots. Een interview met Šeki, gepubliceerd in januari 2013. De interviewer van dienst: Bart Spring In ’t Veld, winnaar van de eerste Big Brother. Ik voelde me zoals Albert Einstein zich gevoeld moet hebben toen hij de relativiteitstheorie ontdekte. Waarom had niemand mij ooit op dit filmpje gewezen? Hoe kon het dat het 1600 keer bekeken was en niet vijf miljoen?

Šeki blijkt een kalme man te zijn geworden. Een vriendelijke Rotterdammer met een gouden oorbel die graag een dvd’tje kijkt op de bank. Zijn wilde haardos is verdwenen. Het ware verhaal achter zijn plotselinge vertrek maakt zo weinig indruk dat ik het alweer vergeten ben. Of misschien interesseerde het me minder dan ik dacht. Pas tegen het einde, op 19:46, zegt hij ‘vamos’. Een keertje maar.

Ik deed mijn best, maar het lukte me niet om bang te zijn.