‘Zonder Facebook ben ik liever dood’

In het digitale tijdperk maken velen zich zorgen om hun privacy. Tegelijkertijd geven mensen op sociale media als Facebook schaamteloos intieme details uit hun privéleven prijs. ‘Met koffie, speeksel, vaginaal vocht, water, bloed en urine de statement van het jaar geschilderd.’

De heer Edouard L. publiceert op zijn Facebook-pagina regelmatig een gedicht. Zo’n gedicht begint bijvoorbeeld zo:

‘Als je ‘dood’/achterstevoren leest, dan is het dood./Dus is dood ‘dood’.

Zijn volgers reageren veelal enthousiast op zijn schrijfsels: “Schitterend Edouard. Wat speel jij mooi met taal.”

L. plaatst niet alleen zelfbedachte poëzie op zijn Facebook-pagina, hij doet er ook nauwgezet verslag van zijn leven. Zo noteerde hij op 10 januari van dit jaar wat hij dagelijks inneemt aan antidepressiva en aanverwante middelen. “275 mg efexor, 300 mg wellbutrin, 1 mg alprazolam, 20 mg zolpidem.”

Net als Breivik
L. is niet de enige Facebookgebruiker die onbekommerd vertrouwelijke gegevens deelt met de rest van de wereld, ontdekte ik toen ik de afgelopen weken de profielen van overenthousiaste Facebookgebruikers bekeek.

“Hoge woord eruit, met psychiater twee uur gesprek gehad, door naar autistenteam Amersfoort om te kijken of ze nog iets met me aankunnen”, schreef Van H., die in het verleden opgenomen is geweest in een psychiatrische kliniek vanwege een psychose. Van H. noemde zichzelf ooit ‘hoogbegaafd’ en ‘een Asperger net als Anders Breivik’.

Ene mevrouw G. plaatst geregeld foto’s en berichten uit de kliniek van Jellinek Mentrum, waar zij in januari werd opgenomen. “Stiekem aan het fotograferen in de kliniek,” schreef ze op 18 januari. “Streng verboden dus hartstikke fun! LOL.” Op haar Facebookprofiel valt te lezen hoe ze als moeder van twee kinderen, en niet voor de eerste keer, in de kliniek terecht is gekomen. 14 januari: “Oud en nieuw afgevoerd in shirt en pyamabroek, vervolgens uren naakt in een politiecel gezeten. Met koffie, speeksel, vaginaal vocht, water, bloed en urine de statement van het jaar geschilderd.”

Ontwenningsverschijnselen
Edwin P. plaatst ’s avonds doorgaans een grote hoeveelheid berichten vol persoonlijke ontboezemingen. Links naar muziek- of televisiefragmenten, maar vooral posts waarin hij, wijdlopig en met tamelijk veel spelfouten, verslag doet van zijn drankgebruik, de verloedering van zijn buurt, de hoogte van zijn uitkering, de in zijn ogen gebrekkige GGZ-hulp en allerlei andere privé-aangelegenheden.

Als hij zijn beperkte leven niet breed op Facebook kan uitmeten heeft hij het idee dat hij niet bestaat. “Ik ben eenzaam, in het echte leven heb ik nauwelijks vrienden.” Zijn Facebook-bestaan is ook een manier om de gewone wereld, die dreigend en eentonig op hem overkomt, op een afstand te houden. Als zich een stroomstoring voordoet, of de internetverbinding wegvalt, raakt hij in paniek. “Dan krijg ik last van ontwenningsverschjjnselen, het zweet breekt me uit.” Een leven zonder Facebook kan hij zich niet voorstellen. “Dan ben ik liever dood.”

Over zijn privacy maakt P. zich geen zorgen. Hij heeft het idee dat ‘de mensen van Facebook’ hem beschermen als hij te veel privé-informatie prijsgeeft. “Ik kan het niet bewijzen, maar volgens mij is er wel een soort beschermlaag.” Het deert hem niet dat zijn schrijfsels in een database terecht komen, waarbij niet duidelijk is wie er uiteindelijk over kan beschikken. “Ik heb toch niets te verliezen.”

Meer weten over digitaal exhibitionisme? Lees het artikel van Joris van Casteren in ons grotendeels aan privacy gewijde nummer, dat nu in de winkel ligt. Bekijk hier de overige onderwerpen, of sluit hier gelijk een voordelig (proef)abonnement af.

Meer leuke content? Like ons op Facebook