Dilemma: mensenrechten vs. een sterk topsportklimaat

Terwijl Martina Sablikova de schaatssport de schijn van een internationale sport trachtte te verlenen door goud te winnen (maar we weten allemaal: die Sablikova zit vol Nederlands bloed, we wachten met een gerust hart de dopinguitslagen af), zaten de leden van de protestrockgroep Pussy Riot weer eens in een cel in Sotsji.

Niet lang daarna verscheen een filmpje op internet, waarop te zien is hoe politieagenten de groep te lijf gaan met pepperspray alsof de vrouwen een zomerse salade zijn waarop rijkelijk balsamicoazijn gesproeid moet worden.

Veelkleurige leggings voor de mensenrechten
Nu moet ik zeggen dat de aanzet van het protest er op dat filmpje nogal knullig uitziet: in veelkleurige jurken en leggings een beetje rondhopsen, daar is zelden een dictatuur van omgevallen. Vreemd toch dat de Russische politie er onmiddellijk met spuitbussen en zwepen – wat is dat voor wapenrusting daar? – op losgaat. Ook opvallend: niemand om de Pussy Riot-leden heen doet iets. Ja, filmen. Zodat de wereld de mishandeling vanuit elke hoek en voorzien van elke denkbare Instagram-nuance kan bekijken, om er vervolgens schande van te kunnen spreken. Maar als je sympathiseert met de strijd van Pussy Riot, waarom doe je dan niets als de leden voor je neus met een zweep worden bewerkt alsof het negentiende-eeuwse paarden zijn? Of moet je de zaak juist zo ver mogelijk laten escaleren, om iedereen te tonen dat… Echt?

Misschien is het maar beter om net te doen alsof het in de wereld daadwerkelijk draait om een handvol medailles (‘plakken’) bij het langebaanschaatsen. Vermoedelijk is het meer ontspannen deinen op het onvaste timbre van Ireen Wüst dan op het – toegegeven – ook niet erg verheffende oeuvre van Pussy Riot. Minister van Sport (en nog wat andere zaken, maar toch vooral Sport) Edith Schippers legde gisteren nog eens uit waarom ze niets had ondernomen tegen een eerdere arrestatie van Pussy Riot, dinsdag.
Dat kwam zo: de tien kilometer bij de mannen was in volle gang. En het moest wel verdomd gek lopen wilde dat geen dol Hollands feestje worden.
Schippers had nog wel aan de ambassade gevraagd ‘het uit te zoeken’, maar: “Tegen de tijd dat de tien kilometer was afgelopen, waren ze al vrij.”
Ik heb die tien kilometer gezien. Het duurde vreselijk lang en er was voor het grootste deel van de tijd niets aan: je had hele gevangenissen kunnen ontmantelen voordat Bergsma op het ijs kwam.

Topsportklimaat
Schippers voegde eraan toe dat iedereen aandacht vraagt voor mensenrechten op zijn eigen manier. En gelijk dat ze heeft. Ieder zijn eigen manier van protest. Dat noemen ze vrijheid.
De Nederlandse manier bestaat uit het binnenharken van medailles, het zich bezatten in het Holland Heineken House, proosten met Poetin en het organiseren van een NOC*NSF-bijeenkomst. Je zou het vormen van oorverdovend stil protest kunnen noemen.
Daarna sprak Schippers over de ontwikkeling van het Nederlands topsportklimaat. Dat ging allemaal naar wens, al zei Jet Bussemaker elders dat er nog wel ‘stappen te zetten’ waren.
Ze had gelijk, Jet. Er zijn nog belachelijk veel stappen te zetten in de ontwikkeling van een Nederlands topsportklimaat. Laten we ons concentreren op de belangrijke zaken: ieder Nederlands kind op de klapschaats. Het ultieme doel: goud op ‘de 5’ in Zuid-Korea, over vier jaar. De schande van Sotsji en Sablikova dient uitgewist.
Die mensenrechten komen nog weleens.