De 10 geboden van het lezen

Ze zeggen dat literatuur de wereld niet kan veranderen.

Ze zeggen zoveel, mevrouw, mijnheer.

Wat is die wereld namelijk anders dan een verzameling van individuen, en verandert dus niet de wereld als één bewoner dat doet? Gaat een rivier niet anders stromen als er slechts één steentje wordt verlegd, en verandert dat ook niet de deining van de zee waarin hij uitmondt?

Literatuur is een steen in die rivier.

Laat mijn grootmoeder een treffend voorbeeld zijn. Toen in 1989 in Berlijn de afbraak van een muur de wereld veranderde, moest zij noodgedwongen haar huis op het platteland verlaten: op de plek waar ze negenenvijftig jaar lang naar de horizon had getuurd, kwam een industriezone. Ze belandde in een bejaardenflat in het centrum van de stad, waar ze alleen nog uitzicht had op een smalle, grijze straat.

Omdat ik merkte dat ze zich daar vaker verveelde en ikzelf al jaren geen beter middel kende om de tijd te verschalken dan lezen, bracht ik op een woensdag een roman van de bibliotheek mee, hopend dat die haar zou helpen de momenten van eenzaamheid aangenamer te maken, maar tegelijk vrezend dat mijn plan zou mislukken, want altijd had ik haar enkel de krant zien lezen, en af en toe een Courths Mahler-stationsroman die ze kreeg van een schoonzus, maar wel telkens moest terugbezorgen.

Er voltrok zich een wonder: grootmoeder las het boek in nog geen week tijd uit, en wilde meer. Steeds voltrok zich daarna op woensdag hetzelfde ritueel. Het boek dat grootmoeder had gelezen lag klaar op de krantenbak, en ik verving het door het ongelezen exemplaar. Haar wereld had zich door haar verhuizing letterlijk verkleind, maar lezend schiep ze zichzelf een nieuwe horizon. Ze vertelde dat de tijd nu sneller voorbijging, en de vrouw die haar hele leven nooit buiten België was geweest, deed dat met de boeken die ik meebracht plots wel. Dat is ook precies wat romans doen: ze brengen je naar plekken waar je niet eerder was en misschien nooit zal komen. Als lezen de overtreffende trap van reizen is, dan geldt daarvoor bij uitstek dat het je horizon verruimt. Wie reist, is deel van het landschap, maar wie leest, cirkelt er als een alziende adelaar boven.

De rivier waarin mijn grootmoeder stond, ging anders stromen. Haar dagelijkse leven kreeg nieuwe en andere kleuren. Dat veranderde ook mij, want mijn geloof in de kracht van verhalen is dankzij haar ontkiemd, en misschien is daar zelfs de schrijver in mij wakker geworden.

Gelovige mensen vragen me weleens waar ik als ongelovige mijn houvast vind. Het antwoord is simpel: in de literatuur, die in plaats van die ene waarheid die religies uitdragen oneindig veel variaties op de waarheid biedt. Ons bestaan is ondraaglijk licht, want geen van onze daden kunnen we uitwissen en overschrijven. Een boek echter is de gom die dat mogelijk maakt: wanneer ik lees, mag ik worden wie ik wel of niet wil zijn, en elke gedaanteverwisseling biedt me een ander perspectief op de waarheid.

De rijmende tien geboden van het christendom kende ik op de lagere school uit het hoofd, maar vandaag heb ik ze vervangen door mijn tien geboden van het boek:

Bovenal bemin het boek;
Van papier, aanraakglas of peperkoek.
Al wie heiligt schrijver, pen en woorden
Wordt kosteloos vervoerd naar and’re oorden.
Laat u leiden noch door kaft of kleur
Maar snuif van elk boek wel frenetiek de geur.
Vergeet uzelf; de vieze vaat; de tikkende tijd
En heb daarna slechts hiervan spijt:
Dat we niet langer op aarde kunnen wezen
Om alle boeken der wereld te lezen.