Zo leef ik: Inge Colijn

“Toen ik gestationeerd was in Ethiopië, werd een collega van mij doodgeschoten. Waarom was onduidelijk. Dat is het risico van het werk dat ik doe, maar het heeft me nooit doen terugdeinzen. Overal zijn risico’s aan verbonden. Ik weet nog dat ik even met verlof in Nederland was. In Alphen aan den Rijn schoot een jongen om zich heen in een winkelcentrum. Dan realiseer je dat risico heel relatief is.

“Ik ben opgegroeid in Sassenheim, in de bollenstreek. Mijn ouders hadden geen geld, dus na mijn middelbare school ben ik gaan werken bij Sikkens Lakfabrieken. Ik was toen zestien. Op mijn vierentwintigste ben ik gaan studeren in Leiden, met een studiebeurs.

“In december 1987 begon ik bij de UNHCR, de vluchtelingenorganisatie van de VN. Ze plaatsten me in Soedan. In die tijd werden vluchtelingen beschouwd als één categorie. Het deed er niet toe of je man of vrouw was, laat staan bij welke stam je hoorde. Wat er dan gebeurde, was dat er alleen naar de problemen van mannelijke vluchtelingen werd geluisterd, terwijl vaak zo’n 75 procent bestaat uit vrouwen en kinderen. Mede daarom heb ik ook nog Vrouwenstudies gedaan.

“Voordat ik van Soedan naar Ethiopië vertrok, deed zich een kleine complicatie voor. Of nou ja, complicatie – alles behalve dat. Ik werd zwanger van mijn dochter. In 1991 werd zij geboren en tot haar zestiende is ze met mij meegereisd van het ene land naar het andere. Ik heb een goede band met mijn dochter. Zij is het belangrijkste in mijn leven.

“Mijn dochter speelde vroeger met oude pannen en pollepels, net als de kinderen in de vluchtelingenkampen waar ik werkte. Het klinkt triest, maar dat is het niet. Geef kinderen een kartonnen doos of een fles aan een touwtje, en ze hebben de grootste lol. Op aandringen van mijn dochter kocht ik in Kenia ooit een speelgoedauto, maar dat vraagt helemaal geen fantasie van een kind, geen creativiteit. En na een week legde ze het ding inderdaad weg.

“Mijn thuis is waar ik werk. En wanneer ik op vakantie ben in Nederland, dan is dat weer even mijn thuis. Ik hoop oud te worden en dan mag Nederland wel weer mijn thuis worden. Al is er daar zo ontzettend veel veranderd. Ik kijk mijn ogen uit, zoveel materialisme als er is.

“In juli word ik 62 en moet na 26 jaar bij de UNHCR met pensioen. Die jaren hebben me veel relativeringsvermogen gegeven. Iets kan ongelooflijk belangrijk zijn in Nederland, maar in een ander land volstrekt onbelangrijk.”

colijn2Erna Ingeborg Colijn (1952) studeerde in de jaren zeventig en tachtig culturele antropologie en sociologie der niet-westerse volken in Leiden. In 1987 begon ze haar carrière bij de vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties, de UNHCR. Ze werkte in vluchtelingenkampen in Soedan, Ethiopië, Kenia, Sri Lanka, Bangladesh, Bosnië-Herzegovina, de Filipijnen en Afghanistan. In 2005 werkte ze op het hoofdkantoor van de UNHCR in Genève. Momenteel is Inge Colijn gestationeerd in het Iraakse Erbil.