Oplossing voor seksuele intimidatie in het leger: uniseks-kamers

Seksuele intimidatie is een veelvoorkomend verschijnsel in het leger. Of het nu in Nederland, Duitsland of de VS is, het blijkt eerder regel dan uitzondering te zijn dat vrouwelijke militairen slachtoffer zijn van seksuele intimidatie op de werkvloer. De oplossing voor dit bekende probleem lijkt echter nabij.

In Noorwegen is er namelijk een test gedaan op een legerbasis waarbij kamers door mannen en vrouwen worden gedeeld. In elke kamer slapen vier mannen en twee vrouwen. Dat is vragen om problemen, zou je zeggen. Maar niets is minder waar.

Twee onderzoekers bekeken hoe de verhouding is tussen beide seksen in dit kamp. Ze kwamen tot een onverwachte conclusie (pdf): er blijkt haast geen sprake meer te zijn van seksuele intimidatie door mannen.

‘Allemaal groen’
De onderzoekers moesten veel moeite doen om vrouwen over de rol van het geslacht binnen deze kazerne te laten praten. “Voor hen was er niks raars aan de uniseks-kamers. Het leek wel alsof ze in een modus zaten waar stereotypen over gender waren verdwenen of in ieder geval niet goed zichtbaar waren,” aldus een van de onderzoekers. Door de gedeelde kamers werd de focus op sekseverschillen verlegd naar ‘samen in het leger zijn’. Zo zei een van de geïnterviewde vrouwen: “In het leger zijn er geen verschillen op basis van geslacht. We zijn namelijk allemaal groen.”

Grote onderbroeken
Wij zijn niet de enigen die dit resultaat niet hadden verwacht. Zo gaf een vrouwelijke militair aan dat ze vooraf rekening had gehouden met mogelijke seksuele intimidatie. Daarom had ze, voordat ze op het kamp werd gestationeerd, grote onderbroeken ingekocht. Nergens voor nodig, bleek achteraf.

De onderzoekers vergeleken de uniseks-kazerne met een kamp van de Noorse marine. Hier sliepen vrouwen en mannen wel apart. Daar bleek tussen mannen en vrouwen een wij-zij cultuur te heersen. Verder werden ‘vrouwelijke kamers’ vaak aangewezen als plekken waar veel conflicten zijn en waar kliekjes worden gevormd. Toch fijn als er in ieder geval nog één stereotype wordt bevestigd in wetenschappelijk onderzoek.