Waarom het Nederlandse gedoogbeleid echt niet meer kan

Er zijn gepassioneerde voorstanders van de legalisering van softdrugs en er zijn fervent tegenstanders, maar over één ding kunnen we elkaar de hand schudden: het typisch Nederlandse gedoogbeleid is failliet.

Noord-Brabant is in de greep van wietmiljoenen, schreef De Telegraaf een week geleden. In de zuidelijke provincies zijn criminele hennepbendes actief die miljoenen euro’s zwart geld verdienen met hun handel in wiet. De duistere wereld van de wiethandel is geplaveid met criminele activiteiten, niet alleen drugshandel.

Volgens de krant heeft de (lokale) overheid jarenlang een oogje dichtgeknepen, waardoor de lokale economie “vele malen verzuurder” is dan men denkt. Zo’n 20 procent van de kwekerijen staat in Noord-Brabant. De wiet die daar wordt gekweekt, is vaak bedoeld voor de export. Voor de Belgen bijvoorbeeld, of de Duitsers. Zoals er ook in Limburg jaarlijks bijna 250 miljoen euro wordt verdiend aan de illegale handel in wiet.

Nederland staat internationaal bekend als drugsland (zeg tegen een buitenlander dat je in Nederland woont en er is een goede kans dat hij over het roken van een jointje begint). Wij hebben een grote aantrekkingskracht op buitenlandse drugscriminelen en -gebruikers.  Bijna een kwart van de Amsterdamse toeristen bezoekt een coffeeshop – niet alleen om te kijken natuurlijk.

Inconsistent
Dat het Nederlandse gedoogbeleid inconsistent is weten we al langer. Iedere volwassene mag drugs kopen in een coffeeshop, maar de eigenaar van zo’n coffeeshop mag de drugs eigenlijk niet inkopen. Coffeeshopexploitanten hoeven geen btw te betalen over hun wiet. Accijns evenmin. Dat mag niet van ‘Europa’. Hoe kan een coffeeshop drugs verkopen als er geen drugs mag worden ingekocht? Het gedoogbeleid is op zijn zachtst gezegd niet logisch.

De politie rolt intussen ieder jaar duizenden illegale wietkwekerijen op. Maar dat is slechts een fractie van het totaal. Volgens inschattingen zijn er ongeveer 30.000 illegale wietkwekerijen door het hele land verspreid. In iedere buurt vind je er wel één, in de grote steden bij wijze van spreken in iedere straat. Ze staan meestal in gewone rijtjeshuizen – naast huizen waar gezinnen met kinderen wonen -, soms in garageboxen en een enkele keer in kassen.

Gevaarlijk
In mijn buurt in Den Haag ontdekte de politie een wietkwekerij in een portiekwoning waarbij de kwekers steunpilaren hadden weggehaald om zoveel mogelijk plantjes kwijt te kunnen. Je zou er maar boven, onder of naast wonen. Wat als de complete boel in elkaar stort vanwege de gretigheid van wietkwekers? Het is doodeng en levensgevaarlijk. Ongeveer 20 procent van de woningbranden in Nederland ontstaat door illegale wietkwekerijen. Dat zijn schokkende cijfers en een direct gevolg van het gedoogbeleid.

Of je nu voor of tegen legalisering van softdrugs bent, het gedoogbeleid is failliet. De huidige situatie is onverstandig en vooral gevaarlijk. De politiek moet een beslissing nemen: of bezit, kweek en verkoop wordt allemaal illegaal en de politie krijgt alle ruimte (én mankracht) om de wet te handhaven, of er wordt besloten het tegenovergestelde te doen en het goed te reguleren. Blijven gedogen – als een makkelijke manier om geen beslissing te hoeven nemen – is geen optie.