De laatste minuut

Dit is het toernooi van de laatste minuut. Want die is dus helemaal terug, de laatste minuut. Vroeger scoorden ze nog wel eens in andere minuten. In de 73e minuut bijvoorbeeld, of de 25e minuut, of zelfs de derde minuut. Je kon geen minuut bedenken of er kon wel een doelpunt vallen. Is nu niet meer zo. Je kunt er het horloge van de scheidsrechter op gelijk zetten.

Maar goed ook: in een goede roman zit de plot immers ook aan het eind, en bij voorkeur niet al op pagina 59.

Verlenging als verlengde laatste minuut
Het is een soort rage dit WK, scoren in de laatste minuut. Net als opgeschoren haar, armen vol tatoeages en het bijten van de tegenstander. Voetballers zijn modegevoelige types, die willen niet achterblijven. Dus hoe gaat dat: de een scoort in de laatste minuut en een volgende denkt ‘Ja zeg, dat wil ik ook wel.’ Dus die gaat zich erop richten, en verdomd: raak. Een volgende keer gaat het doorwegen in de geest van de achterhoede: naarmate de laatste minuut nadert, vullen hun knieën zich met een pap van het dunnere soort en zodra de stadionklok 89 heeft geslagen, beginnen ze als verweesde kikkers alle kanten op te springen.
Gevolg: elf van de achttien doelpunten in de achtste finales vielen na de 88e minuut.

Toegegeven: daar zaten natuurlijk ook de goals in de verlenging bij, maar dat lijkt me niet meer dan terecht: de verlenging is een gouden uitvinding, in feite is een verlenging gewoon een laatste minuut die een halfuur duurt.
Gisteren was het weer raak: België en Amerika maakten er een aardige wedstrijd van, ze kopten en trapten de ene bal na de andere op lat, paal of ballenjongen naast het doel, maar weigerden consequent te scoren. Zij wisten ook: met een goal in de 57e minuut sta je op dit toernooi dus gewoon voor joker, en scores in de eerste helft worden zelfs niet eens meer geteld. Dus begonnen de Belgen er onmiddellijk na het begin van de verlenging aan en scoorden ze binnen de minuut een hartstikke trendy doelpunt. Daarna werd het nog 2-0, en 2-1, en het was zeer waarschijnlijk nog 2-2 geworden als de VS zich niet hadden misrekend in de blessuretijd. Je zag het aan bondscoach Klinsmann, de immer serene Duitser die uit zijn vel sprong toen hij het bord met 1 extra minuut verlenging omhoog zag gaan. Geheel volgens de laatste mode had hij de gelijkmaker in de 122e minuut gepland, maar die minuut kwam er nooit.

Dzemaili
Het bontst maakte de Macedonische Zwitser Blerim Dzemaili het. Nadat Di Maria – de buitenechtelijke achterkleinzoon van Franz Kafka – Argentinië geheel volgens verwachting in de diepe slotfase van de verlenging op voorsprong had gezet, trokken de Zwitsers nog een keer met de moed der wanhoop ten aanval. Ook de keeper stoomde mee op, altijd weer een heerlijk moment.
De 124e minuut.
Nog een laatste voorzet.
De bal stuiterde op de schedel van Dzemaili.
En daarna op de paal.
En daarna op het scheenbeen van Dzemaili.
En daarna?
Drie miljoen koekoeksklokken hielden hun adem in…
Net naast.
Zo werd de laatste minuut voor Dzemaili en Zwitserland ook daadwerkelijk de laatste minuut. Mijn gouden tip voor alle kwartfinalisten – en Arjen Robben in het bijzonder: speel iedere minuut alsof het de laatste is.