De linksbackheid van Memphis Depay

Met Memphis Depay als de nieuwste loot aan de boom der Oranjelinksbacks is mijn wereldbeeld onherstelbaar beschadigd.
Ik dacht te weten wat het inhoudt linksback te zijn: ik heb het zelf ooit een helftje noodgedwongen ondervonden – tegen BVV’31 A1 uit Blaricum. Linksback is geen voetbalpositie, het is een karaktertrek zoals opvliegendheid of vrijgevigheid.

Linksbackheid…
Linksback sta je niet, linksback ben je.

Linksbackheid
Linksbacks zijn mensen die niet van uitslapen houden, maar op zaterdagochtend al vroeg met hun middelgrote huisdier – vaak een hond van een onduidelijk ras, eentje die grommend tegen voorbijgangers opspringt en zijn tanden laat zien omdat hij ‘wil spelen’ – door een nabijgelegen bos banjeren. Doordeweeks werken ze voor een baas, hard maar eerlijk werk. Linksbacks zitten niet op een kantoor, linksbacks zijn het liefst buiten en ‘met hun handen bezig’ – met name omdat hun voeten ze al veel te vaak hebben teleurgesteld. Vermoedelijk kent u meer linksbacks dan u zelf doorheeft: ze werken in uw tuin, ze vernieuwen de riolering of ze rijden met van die veegkarretjes van de gemeentereiniging door uw straat. In hun pauzes eten ze boterhammen met kaas – een stuk of acht – uit een blauwe broodtrommel en op woensdagen nemen ze een grote plank mee en als collega’s vragen waarvoor die plank is zeggen ze dat die plank ‘de week’ heet en dan, rond een uur of een, beginnen ze die plank doormidden te zagen.

Linksbacks houden van humor. Ze lachen graag en veel. Het zijn mannen van de practical joke: de linksbuiten bellen en zeggen dat de wedstrijd twee uur vervroegd is, op een zomerse dag en haring in de auto van de voorstopper leggen of – als er al een paar rondjes doorheen zijn – net doen alsof je je lid in de frituur hangt. Een favoriet thema van de humor voor de linksback bestaat uit z’n eigen gebreken. Hij kan niet voetballen, hij schopt graag kleine kinderen en erg knap is hij ook niet. Linksbacks zijn visueel ingesteld, ze hebben hun vrouwen, auto’s en hun voetbaltassen graag mooi, misschien als tegenwicht voor hun eigen spel, dat op geen enkele manier aan schoonheid refereert.

De linksback is vaak jong gaan samenwonen met een opvallend leuke vrouw over wie de linksback opvallend veel te klagen heeft. Maar daar meent hij niks van, want de linksback is een in- en ingoeie jongen, diep, diep van binnen. Hij vult zijn modale inkomen aan met handeltjes op Marktplaats, en af en toe heeft hij plots een ladinkje sportschoenen in z’n achterbak: daar moet je verder niets achter zoeken.
De linksback gaat eens per week eten bij zijn moeder, die het lekkerste balletje gehakt ter wereld rolt. Zijn vader – ooit ook linksback – is uit beeld. Als je de linksback ’s nachts opbelt met een probleem, staat hij vijf minuten later met een sixpack Bavaria voor je deur. Je zou de linksback best een pragmaticus kunnen noemen, maar nooit in het bijzijn van de linksback zelf, want aan dat soort woorden heeft hij een broertje dood.
De linksback noemt je altijd ‘maatje’ en je vriendin ‘mop’.
Hij kan erg goed darten.

Eigenlijk, maar dat zal de linksback nooit toegeven, houdt hij niet eens zo van voetbal. Hij houdt ervan om ernaar te kijken, hij is dol op voetbalkantines, voetbalvrouwen, voetbalhumor en voetbalkleedkamers, maar het voetballen zelf bevalt hem al twintig jaar maar matig. En toch komt hij iedere week weer, om zichzelf met zijn neus op dat ene onomstotelijke feit te drukken.
Dat hij niet zo goed kan voetballen.

Dirk en Paolo
Natuurlijk, ik ben mij ervan bewust dat niet iedere linksback over deze mate van linksbackheid beschikt. Marcelo van Brazilië is vermoedelijk gewoon een rechtsbuiten die ooit vergeten is van kant te wisselen, de Duitser Howedes daarentegen loopt weer over van linksbackheid. Dirk Kuijt was natuurlijk in wezen altijd al linksback, die slechts door administratieve misverstanden jarenlang in de spits speelde.
De grootste van allemaal, Paolo Maldini, bezat letterlijk nul linksbackheid – vermoedelijk was hij een ‘gemaakte’ back.

Grindtegels
En vanavond is daar Memphis, de minst linksbackige voetballer die ik ken. Geen Marktplaatshandelaar in ladinkjes grindtegels, maar een jongen die in een penthouse onder een halogeenlamp zijn eigen sneakers zit te ontwerpen.
Geen buikje onder z’n tricot, maar opbollende mouwen omdat zijn biceps niet in het shirtje passen. Geen punteraar, maar een jongen die met het balletje onder z’n voet door het leven danst.
Memphis Depay mist iedere vorm van linksbackheid en dat is uitstekend: want wie een echte linksback is, maakt nooit het verschil.
Tenminste: niet op het veld.