Wat te doen met een inbreker in je huis?

Het was een van die spaarzame zwoele avonden, ruim na middernacht. Ik kwam thuis van een uiterst gezellig samenzijn met dezen of genen en werd gewaar van gestommel en blikkerige R&B-muziek, afkomstig van de verdieping boven de mijne, alwaar mijn huisgenote slash hospita resideert.

Ik deed een plas, poetste mijn tanden en ging in bed liggen, mij verkneukelend aan de gedachte dat die oude vrouw (81) sierlijk met haar kunstheup stond te wiegen terwijl ze de afwasmachine leegruimde.

Romantische periode
Even later besefte ik dat dit niet klopte. Mijn hospita luistert zelden muziek, en indien toch, dan klassiek uit de romantische periode, al vindt ze Bach ook niet te versmaden. Een vrouw met smaak, zoveel staat vast. Vrouwen met smaak luisteren niet naar Craig David (want hij was het, dat jankerige geslijm herken ik uit duizenden).
Er was iets anders aan de hand. Dit moest een inbreker zijn.

Wat nu?

Ik had me die vraag al eens eerder gesteld. Op internetfora verschillen de meningen, maar de meerderheid is ervan overtuigd dat je het beste zoveel mogelijk lawaai kan maken. De inbreker zal schrikken en zich uit de voeten maken.

Porsches en breedbeeldtelevisies
Er kwam een herinnering boven. Ik was zestien en werkte voor vijf gulden per uur als afwasser in een restaurant. Ondanks mijn riante salaris hield de eigenaar een leuk bedrag over, dat hij omzette in Porsches en breedbeeldtelevisies. Op een nacht werd hij wakker van zacht bonkende geluiden in de belendende garage. Hij stond op, bleef enige tijd boven aan de trap staan luisteren en toen hij niets meer hoorde kroop hij terug in bed. De volgende dag bleek dat er was ingebroken. De politie meende dat het maar goed was dat de dieven hem niet gehoord hadden. Het was een professionele bende die niet terugdeinsde voor geweld.

Ik bleef stil liggen, tot ik me realiseerde dat een professionele bende hier nooit zou inbreken. Niet in dit huis. Het meest waardevolle dat er staat is een bed, voor 550 euro gekocht bij Matras Direct. Verder een afgeschreven normcore laptop, een kunststof aquarium met goudvis en wat boeken en cd’s. Deze inbreker was een amateur. Lawaai maken dus.

Of toch niet? Het kon een junk zijn. Ik heb niet veel ervaring met die gasten, maar voldoende om te weten dat ze niet per se redeneren volgens dezelfde logica als de gebruikers op internetfora. Een junk in het nauw maakt rare sprongen. Soms draagt hij een mes.

Kansarme jongeren
Je hoort de laatste tijd veel over kansarme jongeren. Het viel niet uit te sluiten. Een weinig liefdevolle jeugd, vader aan de drank, moeder ook, opgroeien in tien verschillende blijf-van-mijn-lijfhuizen, tegenvallende schoolresultaten, verkeerde vrienden, uiteindelijk toch een baantje maar slachtoffer van de crisis en nu, vannacht, debuterend als crimineel. Ik kon hem bij me roepen, hem iets te drinken geven, een luisterend oor bieden. Een beetje begrip, meer heeft zo’n jongen niet nodig.

Of zou hij dat als een belediging opvatten? Na een leven vol mislukkingen zijn laatste hoop gevestigd op het dievenvak en dan staat er een goedbedoelende hippie met een kop koffie onderaan de trap. De zoveelste carrière in de kiem gesmoord. Het laatste wat ik wilde was die arme jongen kwetsen.

Waarom moest het trouwens een jongen zijn? Er bestaan ook vrouwelijke boeven. In de trein zijn het vaak prachtige meisjes met een zuid-mediterraan uiterlijk die naar lelijke R&B luisteren. Ik kon haar de liefde geven die ze node gemist had in haar leven. Daar hadden we allebei wat aan.

In huis was het inmiddels doodstil geworden. Gerust- maar teleurgesteld viel ik in slaap. De dag erna was enkel de spanning verdwenen.