Daar gaat het economisch herstel: tweede kwartaal een marginaal half procentje erbij

Vandaag is de dag van de eerste groeiramingen van de economie in het tweede kwartaal in Europa.

Frankrijk kwam er om 7:30 uur al mee: een nulgroei, terwijl 0,1 procent groei was voorspeld. Frankrijk staat stil maar leent inmiddels nog altijd vrolijk en fors bij. Dat kan niet goed blijven gaan. De overheidsschuld als percentage van het BBP – die al veel te hoog is – neemt daardoor snel toe. En om 8:00 uur volgde Duitsland: een krimp van 0,2 procent terwijl een krimp van 0,1 procent was voorspeld. In Duitsland werd ook de groei over het eerste kwartaal neerwaarts bijgesteld: van 0,8 naar 0,7 procent.

Economische groeicijfers komen altijd in tweeën: van kwartaal op kwartaal en jaar op jaar. Het eerste cijfer geeft aan hoe de economie zich ontwikkelt ten opzichte van het voorgaande kwartaal, het tweede cijfer duidt de groei ten opzicht van hetzelfde kwartaal een jaar geleden. Die was voor Duitsland 1,2 procent, voor de groeimotor van de hele eurozone een armoedig getal.

Nederland
Zojuist, om 09.30 uur, kwam Nederland aan de beurt. Daarvan doe ik vanuit het Centraal Bureau voor de Statistiek verslag. En dan, om 11:00, krijgen we het cijfer voor de hele eurozone.

Het Nederlandse cijfer blijkt, kwartaal op kwartaal 0,5 procent en jaar op jaar 0,9 procent. Op voorhand was ik niet heel optimistisch over de Nederlandse cijfers. Omdat we het eerste kwartaal een forse krimp zagen – voor een belangrijk deel maar zeker niet helemaal te wijten aan de lage aardgasproductie vanwege de warme winter – zal er van kwartaal op kwartaal waarschijnlijk wel een op het eerste gezicht aardig cijfer komen. Hoewel: ook toen duurde de gemiddeld hogere temperaturen voort en we weten nu al dat het CBS over juni zorglijke cijfers publiceerde als het gaat om belangrijke indicatoren zoals de industriële productie en de export. De wekelijks door het CBS bijgewerkte conjunctuurklok waarin alle belangrijke indicatoren gezamenlijk een beeld van onze economie geven, laat inmiddels al bijna twee maanden stagnatie zien. De aanvankelijke verbetering die leek in te zetten, zette per saldo niet door.

De gevolgen van de toegenomen geopolitieke spanningen – laat staan die van de Russische boycot – zien we pas in de cijfers over het derde kwartaal die medio oktober verschijnen. Er is weinig reden om te denken dat Q3 beter zal worden dan Q2.

Dr. Doom is een pseudoniem. Als belegger is hij verantwoordelijk voor het beleggingsbeleid van Beleggingsvereniging Fibonacci. Op het moment van het schrijven van deze column heeft de vereniging posities in Ahold, Akzo Nobel, ASML, DSM, Heineken, Philips, Shell en Unilever en is Short in de AEX. De positie in de AEX is kortlopend en wisselt regelmatig. Die kan dus nu al anders zijn. Volg Dr. Doom op Twitter.