De God van het Marokkaanse voetbal

Toen Larbi Ben Barek op 17 september 1992 levenloos werd aangetroffen in zijn huisje in een buitenwijk van Casablanca, was hij al een paar dagen dood. De grootste Marokkaanse voetballer die nooit voor het Marokkaans elftal speelde, stierf in betreurenswaardige eenzaamheid.

In de loop der jaren hebben talloze grote en minder grote spelers de bijnaam De Zwarte Parel gekregen. George Weah, Pelé en Eusebio werden bijvoorbeeld zo genoemd, maar de enige echte zwarte parel werd aan het begin van de twintigste eeuw geboren in Casablanca. Ben Barek speelde al op zijn veertiende als centrale middenvelder in het eerste elftal van de club van zijn geboortestad, El Outrane. Buiten het veld was hij leerling-timmerman, maar zijn hart en ziel lagen bij de bal. Voetballen, zo formuleerde zijn moeder het eens in een interview, was een heel leven lang Larbi’s raison d’etre.

Ben Barek werd ontdekt door de scouts van Olympique Marseille. Hij speelde twee jaar in de havenstad, tot de oorlog uitbrak en de Franse competitie tot nader order werd opgeschort. Later, in 1945, keerde de Zwarte Parel terug naar Frankrijk, waar hij voor Stade Francais voetbalde. Nog weer later verhuisde hij naar Atletico Madrid. Bij zijn vertrek scandeerden duizenden fans: ‘Verkoop de Eiffeltoren, verkoop de Seine, maar verkoop Ben Barek niet!’
Marokko stond in die tijd nog onder Frans toezicht en zodoende speelde Ben Barek zijn interlands voor Frankrijk, in de kleuren van de bezetter. Na zijn actieve loopbaan werd hij Marokko’s eerste bondscoach. Over zijn leven werd een film gemaakt, “Larbi, het lot van een groot voetballer”. Hoe groot hij precies was, weet eigenlijk niemand meer – bij zijn dood was Ben Barek door iedereen vergeten, behalve door collega’s die hem hebben zien voetballen en die in diep ontzag voor hem bogen. Onder hen ook de grootste voetballer aller tijden, Pelé, de man die wist aan wie hij zijn bijnaam te danken had: “Als ik de koning van het voetbal ben, dan is Larbi Ben Barek God.”

PS
De film over Larbi Ben Barek is in z’n geheel te bekijken: