Het lange, vervelende weekend van een wereldkampioen

Het is 4 juli 1954. Bern, het Wankdorf-stadion. Een van de mooiste ploegen uit de voetbalgeschiedenis, het Hongarije van Puskás en Czibor, gaat de vloer aanvegen met West-Duitsland. Denkt iedereen.

Al snel staan de Hongaren met 2-0 voor, en even dreigen ze de West-Duitsers (met sterspeler Fritz Walter) te gaan declasseren. Zo ver komt het niet: de Duitsers zijn sterk, ze gooien zich met lijf en leden en een opvallende vaderlandsliefde in de strijd.
Het wordt 2-1, en het wordt 2-2.

Dan: een kans voor de Hongaren. De stem van de fameuze radioreporter Herbert Zimmermann: “Der Regen prasselt. Keiner wankt im Wankdorf-Stadion zu Bern. Jetzt Gefahr! Schuss! Auf der Torlinie gerettet! Nachschuss musste kommen. Noch mal auf der Torlinie gerettet. Das erste Mal Posipal. Das zweite Mal Kohlmeyer! Rettet! Rettet! Rettet!”
In de 84ste minuut zal Helmut Rahn het winnende doelpunt maken. West-Duitsland, een land in scherven, wordt wereldkampioen. Gered door Werner Kohlmeyer, die de bal op een cruciaal moment van de lijn heeft getrapt.
Tien jaar later is hij alles kwijt.

Het wonder van Bern en wat erna kwam
Eigenlijk kon Werner Kohlmeyer alles. Als jongen was hij een geweldig atleet, een groot tafeltennisser en een uitstekende wielrenner.
Uiteindelijk koos hij voor het voetbal.
Opgegroeid bij de 1. FC Kaiserslautern leek zijn loopbaan in eerste instantie in de knop te breken toen Duitsland in 1939 Polen binnenviel. Kohlmeyer werd opgeroepen als soldaat voor de Wehrmacht en werd tijdens gevechten aan het Oostfront zelfs door een Sovjetkogel getroffen.
Hij overleefde, en toen de competitie na de oorlog een herstart maakte, kon de lokale held uitgroeien tot een van de steunpilaren van Kaiserslautern.
Tweemaal werd de ploeg West-Duits kampioen: in 1951 en 1953. Hij tekende een vet contract en kocht een huis in het centrum van de stad, voor zijn vrouw Caro en zijn drie kinderen.
Daarna kocht hij twee piano’s. Eentje voor op de begane grond en eentje voor op de eerste verdieping. Je wist immers nooit waar het feest zou worden.
Na het wereldkampioenschap in Zwitserland bleef Kohlmeyer bij Kaiserslautern spelen, maar de glans ging er langzaam van af. Hij ontdekte het nachtleven, de drank, de afleiding. Toen hij eind jaren vijftig ruzie kreeg met trainer Rene Schneider, vertrok hij noodgedwongen bij de club aan wie hij zijn hart en een groot deel van zijn leven had gegeven. Wat volgde was een jarenlange tournee langs alle kroegen, pubs, disco’s, barretjes en brasseries van Kaiserslautern en omstreken.

Het duurde niet lang voor Caro er genoeg van had. Hard sloeg zij de deur van het Huis met de Twee Piano’s achter zich dicht en weg was ze, met medeneming van hun drie kinderen.
Op een dag, toen Werner Kohlmeyers schulden hem al lang en breed boven het hoofd waren gegroeid en zijn naam alleen nog figueerde op de Nog Betalen-lijst van zijn stamkroegen, haalde hij zijn wereldkampioenschapsmedaille uit zijn achterzak, smeet hem op de bar en riep: “Dan zijn die schulden ook weer betaald.”
Het Wonder van Bern was nauwelijks tien jaar oud, maar het leek inmiddels drie tijdperken geleden. In 1967 werd de bondscoach van 1954, Sepp Herberger, zeventig jaar. Hij gaf een groot feest, waarop hij alle wereldkampioenen uitnodigde.
Allemaal behalve een.
Niemand wist waar Werner Kohlmeyer leefde. Of hij nog leefde.

Hij leefde nog, al stelde het niet erg veel meer voor, dat leven van hem. De voorstopper woonde een tijdje op straat, sliep in portieken en schuimde de kroegen af in de hoop nog ergens op enig krediet te kunnen rekenen. Uiteindelijk trok Werner weer bij zijn moeder in. Samen woonden ze in een driekamerhuurwoninkje in een buitenwijk van Mainz.
Rond diezelfde tijd dook hij op bij de lokale voetbalclub, Mombach 03, waar hij zich aan de bar kwam bezatten. Als iemand hem vroeg hij of geen hulp moest zoeken voor zijn probleem, gilde hij met dubbele tong: “Ich bin kein Trinker!”
Een plaatselijke journalist bezorgde Kohlmeyer nog een baantje als portier van het redactiegebouw van de lokale krant, maar de verslaving zat in zijn wezen, iets simpels als een dagritme kon dat onmogelijk nog veranderen.

DM 341,-
In het voorjaar van 1974 bereidt West-Duitsland zich voor op het WK in eigen huis. In Frankfurt speelt Die Mannschaft zijn laatste oefenduel, tegen Schotland.
Drie dagen voor de wedstrijd ontvangt de DFB een brief met de vraag of er voor een voormalig wereldkampioen misschien nog een kaartje overschiet.
Was getekend: Werner Kohlmeyer.
De DFB reageert dat meneer Kohlmeyer kan bestellen. De kosten bedragen DM 341,-.
In de vroege morgen van 26 maart 1974 wordt Werner Kohlmeyer door zijn moeder gevonden. Zijn 49 jaar oude hart is opgehouden met tikken.
Een dag later wint Duitsland in Frankfurt met 2-1 van Schotland.

Toen men Kohlmeyer aan het eind van zijn leven eens vroeg hoe hij dat leven zou omschrijven, zei hij: “Alles wat na die WK-finale van 1954 is gebeurd, voelt aan als een lang, vervelend weekend.”