Kleinkinderen te koop

Twee jaar geleden verwierf Michael Sandel, hoogleraar filosofie aan Harvard, de status van een rockster met zijn boek What Money Can’t Buy. In dat boek, in Nederland verschenen als Niet alles is te koop, zoekt Sandel naar de morele grenzen van de markt, die volgens hem de afgelopen decennia behoorlijk zijn verlegd. Allerlei goederen en diensten die niet vermarkt zouden moeten worden, zijn gewoon koopwaar geworden, stelt Sandel. Als voorbeelden noemt hij onder meer daklozen die door rijke bankiers worden betaald om voor hen in de rij te staan en vakantiegangers die extra betalen om de rij te vermijden. Tijd is immers geld!

Maar hoeveel van onze tijd willen we omzetten in geld? En hoeveel tijd willen we belangeloos besteden aan onze medemens? Deze vragen drongen zich op toen ik in de Volkskrant las over het succes van handelaren in ‘betaald gezelschap’. Duizenden Nederlandse ouderen huren via bedrijfjes studenten in om hun eenzaamheid te verdrijven. Een mistroostig stemmend bericht.

Sinds kort trekt mijn vriendin een paar vrijdagen per maand op met een 82-jarige dame die vaker alleen thuiszit dan haar lief is. Samen spelen ze een spelletje, bezoeken ze een voorstelling of doen ze een thuiscursus internetbankieren. Buiten een enkel gedeclareerd theaterkaartje bij het Rode Kruis, dat de partijen bij elkaar brengt, bestaat de enige vergoeding voor beiden uit plezier en genoegdoening.

Maar blijkbaar is er niet voldoende van dit soort altruïsme voorhanden. Dus waarom zou de markt hier geen rol in kunnen spelen?

Economisch gezien is de opkomst van de anti-eenzaamheidsbedrijfjes wel te volgen. Veel ouderen hebben een (klein) vermogen. Zij maken de rationele keuze om een paar tientjes per week uit te geven aan een student die hun leven wat gezelliger maakt. Ook de studenten begrijp ik wel. De (bij)banen liggen niet voor het oprapen. Bovendien is wandelen of een spelletje doen met een oudere een leukere manier om geld te verdienen dan ergens op een kantoor de achterstallige administratie wegwerken. Ook dat is een rationele keuze. Toch voelt het ongemakkelijk. Want als het om aandacht en medemenselijkheid gaat, denken we niet graag in kille begrippen als rationele keuzes en financiële overwegingen.

Een van de oprichtsters van SeniorenStudent vat de kwestie treffend samen. Voor 12,50 euro per uur is het ‘alsof er een kleinkind op bezoek komt dat echt belangstelling heeft’. Geen geld voor een heuse ‘grandchild experience’.

Oprechte aandacht kríjg je, die koop je niet. Aandacht is iets dat je gééft, niet verkoopt. De kern van het probleem is natuurlijk dat wij – (klein)kinderen, andere familie, vrienden en buren – collectief falen. We zijn blijkbaar niet in staat om sommige mensen genoeg aandacht te geven, vaak als gevolg van de heilige drie d’s die onze economische opgang moeten bespoedigen: druk-druk-druk.
Als goedmakertje betalen sommige kinderen mee aan de kosten voor het betaald gezelschap. Een wonderlijke transactie. Schuldgevoel wordt afgekocht en omgezet in surrogaataandacht. Sandel kan zoveel zeggen. Alles is te koop.