‘Leviathan’: een meeslepende bloemlezing over onrecht en onmacht

Toen Leviathan, de vierde film van de Russische regisseur Andrej Zvjagintsev, in mei in Cannes werd vertoond, dook al snel een gerucht op in de westerse media. De film, die zijn naam ontleent aan het ontembare zeemonster uit het Oude Testament, zou keiharde kritiek bevatten op de Russische staat. Een merkwaardig aantijging, aangezien het Russische ministerie van Cultuur de film voor 35 procent financierde.

Leviathan gaat over de burgerman Kolja, die met zijn vrouw Lilja en een zoon uit een eerder huwelijk aan de Barentszzee woont, in een huis dat hij met eigen handen heeft gebouwd. Hij leidt een vreedzaam bestaan, maar daar komt verandering in. Hij ligt namelijk al jaren in de clinch met de gemeente, die zijn grond wil gebruiken voor een ander bouwproject.

Zvjagintsev, die in 2003 doorbrak als filmregisseur met het veelgeprezen The Return, raakte geïnspireerd door het waargebeurde verhaal van de Amerikaan Marvin Heemeyer, die in 2004 een ravage aanrichtte in zijn dorp. Hij stapte in een tot tank getransformeerde bulldozer, reed het gemeentehuis en de burgemeesterswoning binnen en beroofde zichzelf vervolgens van het leven. Het drama was het besluit van een slepende strijd met de gemeente, die de grond waarop hij jarenlang had gewoond en gewerkt confisqueerde.

In Leviathan staat Kolja lijnrecht tegenover burgemeester Vadim Sergejetsj, een dictatoriale politicus die corruptie en uitbuiting tot kunst heeft verheven. De heren worden zeer overtuigend gespeeld door respectievelijk Aleksej Serebrjakov en Roman Madjanov. Het tête-à-tête tussen burger en burgemeester in beschonken toestand is een genot om te aanschouwen.

Burgemeester Sergejitsj vertegenwoordigt een ambtelijk apparaat dat tot op het bot verrot is. In achterkamertjes bedreigt hij menige politiechef en rechter met ontslag, en wanneer zijn ambtenaren geen oplossing bieden voor een probleem, dan schakelt Sergejitsj gewoon een bevriende knokploeg in. Hij is de Leviathan was de titel naar verwijst, geheel volgens de politieke filosofie van Thomas Hobbes, die het zeemonster gebruikte als symbool voor de absolute heerser die de wereld beschermt tegen complete chaos.

En Kolja staat machteloos. Regisseur Zvjagintsev heeft zich, behalve door de lotgevallen van Heemeyer, laten inspireren door het verhaal van de bijbelse figuur Job, die alles verliest wat hij liefheeft. De parallel wordt gelegd wanneer de wanhopige Kolja te rade gaat bij een vrome plaatsgenoot en het verhaal van zijn bijbelse lotgenoot voorgeschoteld krijgt.

Een sterk aspect van het scenario, dat Zvjagintsev samen met Oleg Negin schreef, is dat een aantal cruciale gebeurtenissen buiten beeld plaatsvindt, wat de kijker ruimte geeft voor eigen invulling. Daarnaast wordt veelvoudig gebruik gemaakt van langdurige shots, iets wat je in het gemiddende Hollywooddrama zelden ziet.

De vermeende kritiek op Poetins Rusland lijkt een westerse projectie op een verhaal dat zich nu eenmaal in het Rusland van vandaag afspeelt. Wanneer Kolja en drie vrienden halverwege de film stoom afblazen door op portretten van oude Russische leiders als Gorbatsjov en Brezjnjev te schieten, wordt zelfs de vraag gesteld waarom er geen recentere staatshoofden zijn meegebracht. Het antwoord: “Daar is het nog te vroeg voor. Hij (Poetin – KvV) heeft nog te weinig geschiedenis.”

Leviathan is een meeslepende bloemlezing over onrecht en onmacht. De prijs voor het beste scenario, die Zvjagintsev en Negin in de wacht sleepten op het filmfestival van Cannes, lijkt meer dan terecht. Het verhaal is tijdloos en universeel, zij het gegoten in een koud, Russisch jasje.