Willem-Alexander, Máxima en de wondere wereld aan het Japanse hof

Een beetje pers zijn de Nederlandse koning Willem-Alexander en zijn koningin Máxima wel gewend, maar de massa’s internationale journalisten bij hun bezoek aan Japan was andere koek. Het had een reden: in de afgelopen elf jaar was een publiekelijk optreden van de Japanse kroonprinses Masako zeer zeldzaam.

Masako is de vrouw van kroonprins Naruhito, de troonsopvolger in Japan. Nadat ze zich bij de keizerlijke familie voegde werd de druk op het krijgen van een zoon flink opgevoerd omdat er nog geen enkele keizerlijke zoon was geboren in alle takken van de familie. Ze kreeg drie miskramen en in 2001 beviel ze van een dochter, waarmee de zorgen over de troonsopvolger nog niet helemaal ten einde waren en er gesproken werd over een wetswijziging. Uiteindelijk kreeg de broer van Naruhito in 2006 een zoon, en raakte de discussie wat op de achtergrond.

Masako deed een jaar geleden Nederland aan en zou volgens Japanse media een bijzondere band onderhouden met de Oranjes. Dit omdat de bezoeken aan Nederland haar na een zenuwinzinking heel erg goed hebben gedaan, zo vertelde Naruhito. Behalve bij de officiële begroeting, die bol staat van de strakke regels van het duizend jaar oude hofprotocol, is er ook een privéontmoeting tussen de royals, om even aan de verplichtingen te ontsnappen.

‘Verschrikking voor journalisten’
Die regels zijn overigens een flinke last voor journalisten, en met name Nederlandse journalisten. Antoin Peters kan er over meepraten, zo vertelt hij in een column op RTLNieuws.nl

“Echt, ik ben als Koninklijk Huis-verslaggever best wat gewend. Regeltjes, pasjes, persvakken, dit kan niet, dat kan niet: het is ‘part of the job’. Er is altijd wel een beetje ‘strijd’ met de Rijksvoorlichtingsdienst, maar vergeleken met de Kunaicho zijn RVD’ers je allerbeste vrienden. (…) Het agentschap van de keizer is oppermachtig en berucht. Zij zijn er om de eeuwenoude keizerlijke tradities in stand te houden en dat gaat ten koste van alles. Zelfs de keizer is ondergeschikt aan de Kunaicho. Het instituut is het allerbelangrijkste en wie dat vertegenwoordigt is niet zo relevant, als het maar een man is in de keizerlijke lijn van troonopvolgers.”

“We staan op lijsten, dan weer niet, krijgen pasjes en gekleurde lintjes. Er zit voor ons totaal geen logica in en voor de medewerkers van het agentschap, 1050 (!) man sterk, eigenlijk ook niet. We mogen vrijwel niets – alleen ademhalen mag nog net. Een slokje water drinken? “Sorry sir, that’s not allowed.”