Guus Hiddink tot op het bot geanalyseerd

Nederland-Letland – wat waren we goed! Verdomme, wat waren we goed! Deze gaat de boeken in! We bliezen ze gewoon weg, die Letten! Dit zagen ze echt niet aankomen! Hahahahahahahahahahaha! – was nog maar net afgelopen en in het holst van het stadion zat Guus Hiddink al bij Jack van Gelder aan de NOS-toog, om zich te laten fêteren om zoveel vakmanschap.

Het werd een vreemd gesprek.
Met name de laatste twee minuten, waarin Hiddinks toekomst voor de 743ste keer aan de orde werd gesteld, hadden iets uitgesproken ongemakkelijks. De vragen van Jack leken ongepast, alsof hij bij een ongewenst kinderloos stel zat te informeren wanneer ze eens wat gingen doen met die kamer op de eerste verdieping.

Jack: “Zit jij in maart nog op die bank?”
Journalistentrucje: een vraag heel eenvoudig stellen, zodat het lijkt alsof het antwoord ook heel simpel kan zijn. Dat dat niet zo is – Hiddink beslist dat niet alleen, maart is nog ver, enzovoort – vergeet Van Gelder voor het gemak maar even. Maar toch: het is ook weer geen onmogelijk te beantwoorden vraag.

Guus: “Ik ben nog in dienst van de KNVB.”
Vroeger, in de tijd dat de radio ook al stupide spelletjes speelde met inbellende luisteraars, had je het radiospelletje ‘Geen ja, geen nee’. Maar als er geen vijfhonderd gulden of een koelkast op het spel staat, waarom zou je dan niet wat duidelijker zijn? En als je geen ‘Ja’ of ‘Nee’ wilt zeggen, waarom dan niet ‘In principe wel’ of ‘Dat is nog ver weg, maar laten we het hopen’ of iets anders nietszeggends dat de munitie van de ander ontwapent in plaats van dit zinnetje, waardoor het lijkt dat de coach er alles aan doet om in de loop van Van Gelders vragenvuur te blijven.
Voor Van Gelder zit er niks anders op dan de vraag te herhalen.

Jack: “Zit jij in maart nog op die bank?”
Goed, van Jack. Door het letterlijk herhalen van de vraag toont hij de slechte verstaanders nog even Hiddinks onwil om zijn vraag te beantwoorden. Het is natuurlijk een truc: als iemand de eerste keer niet antwoordt op een vraag, zal hij dat de tweede keer ook niet doen, al helemaal niet als die vraag letterlijk hetzelfde gesteld is. Maar goed: wie weet werkt het.

Guus: “Nee, ik wil, ik wil er niet op vooruitlopen.”
Het hele idee van het bondscoachschap is dat je op de zaken vooruit moet lopen. Je hoort trainers vaak zeggen: het enige wat voor mij telt, is de volgende wedstrijd. De volgende wedstrijd van Guus Hiddink is in maart. Het eerste doel van trainer Guus Hiddink is de zomer van 2016. Dan kun je wel zeggen dat je niet op de zaken vooruit wilt lopen, maar dat is net zoiets als je tandarts die zegt dat hij onmogelijk kan zeggen hoe je gebit er volgende week uitziet. We hebben het niet over je stoelgang, maar over een langetermijnproject. Vooruitlopen op de zaken is part of the deal als je bondscoach bent; als je daar niet tegen kunt, moet je een voetbalanalist worden die alleen aanschuift bij de nabespreking.

Jack: “Waarom laat je dat in het midden, als het zo is?”
Dit is feitelijk niet juist: Hiddink laat het niet in het midden, hij zegt er niets over. Als hij had gezegd dat het twee kanten op kan, zou hij het in het midden hebben gelaten. Nu laat hij de beantwoording op een nog altijd eenvoudige vraag een beetje door de lucht zweven, vormloos, als een gas dat door iedere kwaadwillende journalist tot ontploffing kan worden gebracht.

Guus: “Ik laat het niet in het midden,” (soort van correct), “maar jullie zijn al, en dan bedoel ik even jullie, jullie allemaal, zijn al lekker lang aan het speculeren. Nou…”
Och God, ‘jullie’… Een jijbak in meervoud. Hiddink heeft zich ongetwijfeld opgewonden over tendentieuze koppen in De Telegraaf en het AD, maar waarom zou je je daar nu tegen een andere journalist, op een ander medium op een ander moment, zo nog je gelijk op willen halen? Omdat Van Gelder ook een journalist is? De Telegraaf en het AD schreven dat Hiddink moest opflikkeren, Van Gelder vraagt of Hiddink in maart nog in dienst is; een wezenlijk andere vraag. En al had Van Gelder hem al beledigd, dan is dit toch het ultieme moment voor Hiddink om hem subtiel lachend op zijn ongelijk – of zijn opportunisme – te wijzen, net na een glansrijke 6-0?
Los van dit alles kun je je afvragen of je het media kwalijk kunt nemen dat ze aan het speculeren slaan als geïnterviewden dit soort onbegrijpelijke respons leveren. Wie niet wil dat de ander speculeert, moet duidelijk zijn. En als je niet duidelijk kunt zijn, moet je niet verbaasd zijn dat mensen gaan speculeren. Die kolommen moeten vol, tenslotte.

Jack: “Nee, we zijn helemaal niet aan het speculeren.”
Jack is nu overgegaan op een koninklijk meervoud. Als hij zich beperkt tot zichzelf, en tot dit gesprek, dan heeft hij gelijk.

Guus: “Ik heb ook geen zin… Ik heb… Ik wil alleen over deze wedstrijd spreken en verder zien we wel. We hebben nu tot maart.”
Hier is Hiddink voor het eerst duidelijk: hij heeft geen zin om op de zaken vooruit te lopen. Had hij ook meteen kunnen zeggen; dat had al gescheeld. Maar: een bondscoach die alleen over de net afgelopen wedstrijd tegen Letland wil spreken zonder vooruit te kijken, is als een zichtbaar zwangere vrouw die het alleen over het logeerweekend van haar petekind wil hebben.

Jack: “Ja, dat weet ik, maar daarom zou het ook logisch zijn als jij zegt: natuurlijk ben ik dan bondscoach nog.”
Even los van de woordvolgorde: chapeau, Jack. Leve de logica!

Guus: “Jack, ik ben alleen bezig met vandaag. Dat heb ik gisteren niet gezegd, dat had ik wel kunnen zeggen maar er kwamen geen vragen van jullie, dus waarom zou ik nu alles op tafel gaan leggen?”
“Boer: Teunis, ik ben alleen bezig met de koe die ik nu aan het melken ben. Dat heb ik je gisteren niet gezegd, dat had ik wel kunnen zeggen, maar je vroeg er niet naar, dus waarom zou ik het je dan zeggen?”
Toch wonderlijk: je hebt iets op je lever, je windt je ergens over op, er is een persconferentie en je zegt niks, omdat niemand je ernaar vraagt. En wat als dit interview op maandag of woensdag na de wedstrijd zou hebben plaatsgevonden? Zou Hiddink dan nog steeds met zondag bezig zijn geweest? Moeten post-interland-interviews voortaan twee dagen later plaatsvinden, zodat er ook vragen over de komende wedstrijd gesteld kunnen worden? Of mogen die vragen pas gesteld worden als de komende wedstrijd niet meer de komende wedstrijd is?

Jack: “Nou, dan nog even terugkijken op de wedstrijd: jij gaat met een heerlijk gevoel de kerstdagen in.”
Ik zou dit geen terugkijken op de wedstrijd willen noemen, of je moet ‘wedstrijd’ als een metafoor voor het jaar 2014 nemen en Kerstmis als een soort nazit van die wedstrijd, dan kan het.

Guus: “Ja… Dat heb ik al vele jaren gedaan, Jack…”
In feite doet Jack niets anders dan de bondscoach op een verkapte, journalistiekerige manier ‘Prettige Kerstdagen’ wensen. Ook hier zou een simpel ‘Ja’ volstaan. Deze reactie doet dan weer denken aan iemand met een joekel van een ochtendhumeur tegen wie net iets te opgewekt ‘Een héle goede morgen!’ wordt gezegd: “Ja, dat zei je gisteren ook al.”

Jack: “Dat wordt toch beïnvloed door dat je goed in vel zit.”
Hierbij eis ik op een verbod op de uitdrukking ‘goed in je vel zitten’ tijdens sportinterviews. Strafmaat bij overtreding: tien interviews lang niet meer ‘hoe voel je je nu?’ mogen vragen.

Guus: “Jadatdatdat, deze wedstrijd was cruciaal, da’s logisch. Kijk, als je hier schade oploopt, dan hoef ik dat niet meer onder mijn leiding te doen.”
Je kunt je natuurlijk terdege afvragen wanneer Guus Hiddink lekkerder de kerstdagen ingegaan was: als hij na een lullige 0-0 tegen Letland was afgezwaaid, zijn pensioen had aangekondigd en Kerst op de Caraïben vierde, of nu, na een 6-0 winst, in een kantoor in druilerig Zeist, met een kunstboompje in de hoek van de kamer en een Jingle Bells-kerstkaart van Bert van Oostveen in de prullenmand.

Jack: “Dankjewel.”
Vrij vertaald: wat een intrigerend gesprek weer, Guus, hier gaan de columnisten morgen weer uitgebreid op los, dankjewel daarvoor.