19 meer of minder zinnige opmerkingen (en 2 waarheden) over de NS Publieksprijs

De reacties na de winst van Michel van Egmonds Kieft waren gisteravond te verdelen in twee categorieën: onbegrip en sliep-uit. Helemaal in de stijl van de NS Publieksprijs: hierbij een ranglijst met verrassende opmerkingen van geanonimiseerde twitteraars, al dan niet voorzien van een fragmentje uit het juryrapport. U mag stemmen op uw favoriet, maar dat levert niets op.

1. “Nu na Gijp ook Kieft de NS Publieksprijs wint, roep ik op tot leesstaking in de trein.”
Die leesstaking is met de komst van de smartphone al jaren geleden stilzwijgend ingegaan; daar hebben de Spoorwegen geen verslaafde oud-voetballer voor nodig. Verder vraag ik me af wie je met zo’n staking treft. Kieft niet, de NS niet en je medereizigers niet. Misschien jezelf.
2. “Afschaffen die prijs.”
Vaak krijgt de jury de schuld als een prijs de verkeerde winnaar krijgt. In het geval van een publieksprijs zou het niet meer dan terecht zijn om het publiek maar gewoon helemaal af te schaffen. Gek genoeg wordt dat nooit voorgesteld.
3. “Niks met literatuur te maken.”
De definitie van ‘literatuur’ is al eeuwen aan vergaande discussie onderhevig, tot in de top van de academie aan toe. Je kunt verdedigen dat Kieft geen literatuur is, zoals je ook kunt verdedigen dat thrillers geen literatuur zijn, dat het boek van Isa Hoes geen literatuur is, en je hebt er zelfs fanatici tussen die vinden dat de romans van Wagendorp en Koch geen literatuur zijn. Overigens heeft de NS Publieksprijs nooit beweerd iets met literatuur te maken te hebben; waarom zou de winnaar dat dan wel moeten zijn?
4. “Appels en peren.”
Ook een trouwe respons op de uitslag van welke jurywedstrijd dan ook. Al is het de verkiezing van de Beste Appel van Nederland, dan nog zal er iemand zeggen dat dat appels en peren vergelijken is. Een jonagold is geen fuji, tenslotte.
5. “Doei iedereen die zich literair noemt. Wij normale mensen are taking over!”
Bovenstaande tweet is de meest adequate samenvatting van het cultuurpessimistische boekje De barbaren van de Italiaanse schrijver Alessandro Baricco die ik de afgelopen jaren las.
6. “Ik las maanden geleden nog een recensie van Kieft in Spits!”
Als dat echt waar is, begrijp je opeens waar al die stemmers vandaan komen.
7. “Als groot verzamelaar van gesigneerde sportbiografieën ben ik heel blij dat Kieft de NS Publieksprijs heeft gewonnen.”
Als groot liefhebber van de NS Publieksprijs ben ik blij dat hij ook dit jaar weer is uitgereikt.
8. “Dus het literaire schrijfwereldje is niet opgewassen tegen Kieft. Amen.”
Er is geen literair schrijfwereldje. Een publieksprijs heeft nog nooit gemeten wie er nu precies tegen wie is opgewassen. Amen.
9. “Vroeger zou een sterke held hebben gewonnen, nu wint een oudere man die verslaafd is geweest.”
In 2001 werd de eerste NS Publieksprijs uitgereikt. Toen won Harry Potter. We kunnen dus stellen dat dit inderdaad een trend is.
10. “WAAAAATTTT?! Boek van/over ex-junk Kieft wint? Zegt veel over lezers…”
De AKO Literatuurprijs gaat naar boek over ex-frontsoldaat in WO I. Zegt veel over de jury.
11. “Omdat openhartigheid beloond moet worden.”
Het is misschien heel persoonlijk – en wie weet moet ik helemaal niet zo persoonlijk worden in een column, excuus daarvoor dan – maar eigenlijk vind ik dat openhartigheid niet per definitie beloond hoeft te worden.
12. “Ventoux niet gelezen, maar Wagendorp schrijft wel leuk natuurlijk. Had ik liever zien winnen dan Kieft.”
Geen van de boeken gelezen, maar Herman Koch was de enige met een bril natuurlijk. Had ik liever zien winnen dan Kieft.
13. “NS Publieksprijs voor Kieft. Hooligans die 20 jaar geleden treinen sloopten hebben nu weer hun stem laten horen. Geinig.”
Opeens begrijp je waarom mensen die niet elke dag twee romans erdoor jagen maar liever een voetbalwedstrijd kijken zich soms een beetje gedenigreerd voelen.
14. “We moeten nu niet gaan doen of Kieft een literair hoogstandje is. Puur gewonnen door stemmen van kijkers.”
We moeten nu niet gaan doen of iemand iets anders heeft beweerd, en ook niet of dat een bezwaar is bij een publieksprijs.
15. “Als Kieft van Michel van Egmond de NS Publieksprijs wint, zegt dat dan wat over de geletterdheid van de gemiddelde stemmer?”
Niet zo veel.
16. “Of Michel van Egmond is verschrikkelijk goed… of de rest van het schrijversgilde kan er geen kudt van. Ik ga voor het eerste.”
Michel van Egmond is inderdaad heel erg goed, maar het idee dat de kwaliteit van de schrijver (of zelfs van een boek) wordt gemeten door een publieksprijs, is even sullig als het idee dat het meest bekeken televisieprogramma ook het beste is. Als Gers Pardoel nu samen met Brahms zou worden genomineerd voor een publieksprijs, zou de uitslag daarvan niets zeggen over het talent van Brahms, niets over de rijmschema’s van Gers Pardoel en ook niets over de waarde van de prijs – want die was bij voorbaat al suspect.
Een literaire prijs – voor zover de NS Publieksprijs dat is – is trouwens überhaupt geen feilloos meetinstrument voor literaire kwaliteit. Al doen uitgeverijen er alles aan om het tegendeel te beweren.
17. “Kieft gelezen. En ja, het is een jeugdheld die ik met mijn vriendinnetje op Texel heb zien scoren in ’88. Terechte winnaar!”
Wauw, deze zin is op zoveel manieren uit te leggen. Als er een NS Publieksprijs zou worden georganiseerd voor tweets over de NS Publieksprijs, dan stemde ik op deze.
18. “Kieft is een goed boek door een uitstekende schrijver. Maar toch vind ik dat een van de andere boeken tekort wordt gedaan.”
Welk boek dan?
19. “De NS publieksprijs is niet meer serieus te nemen wanneer een laagdrempelig lectuur boek als Kieft kan winnen. Waardeloos.”
Niemand beweert dat de NS Publieksprijs serieus genomen moet worden. Niemand beweert ook dat de term ‘laagdrempelig lectuur boek’ daadwerkelijk bestaat.
20. “Elke uitgever die ook niet-lezers aan het lezen krijgt, is een vriend van het boekenvak, geen vijand.”
Dit is de waarheid, en niets dan de waarheid. De hoge literatuur wordt op geen enkele manier de maat genomen door Kieft, of door Gijp of door hun verkoopaantallen of prijzen. De literatuur hoeft zijn plek niet te bevechten in publieksstemmingen. Maar als je aan zo’n wedstrijd wil deelnemen, moet je ook kunnen verliezen.
21. “Een publieksprijswinnaar is per definitie een terechte winnaar.”
Amen.