Thierry, Willie en Waylie: de drie mannelijke, chauvinistische biggetjes

Er waren eens drie mannelijke, chauvinistische biggetjes genaamd Thierry, Willie en Waylie, woonachtig in drie heilige huisjes met bouwjaar 1950.

Het eerste biggetje werd, ondanks een flinke hoeveelheid stro in zijn oren, achtervolgd door de spottende lach van een grote boze vrouwtjeswolf en het geluid van piepende scooterbanden. Het tweede biggetje was zo hard met zijn hoofd tegen een houten plank geknald dat er al jaren niets zinnigs meer uit kwam. Het derde biggetje had van bakstenen een mooi huisje gemetseld waar zijn vrouw dag en nacht in mocht zitten. In hun spekkige nekjes voelden ze de hete adem van hun aardsvijand: de eenentwintigste eeuw.

Jongens waren we – maar aardige jongens
Sinds deze week staat Thierry Baudet naast historicus, euroscepticus en professioneel vleugelvleier bekend als de man die de beroemde openingszin van Nescio’s Titaantjes tot twee keer toe verkeerd wist te citeren. Maar kun je het hem kwalijk nemen? Van aardige jongens weet hij, net als van vrouwen, niets.

In zijn laatste opiniestuk ‘Julien Blanc heeft volkomen gelijk,’ woensdag verschenen op The Post Online, stelt Baudet dat vrouwen in bed niet met respect behandeld willen worden. Jonge vrouwen, volgens Baudet de wreedste diersoort op aarde, bedoelen eigenlijk ‘ja’ als ze ‘nee’ zeggen. Ze willen overrompeld, overheerst en overmand worden. In Nederland noemen we dit overigens, tenzij er sprake is van een erotisch machtsspel, gewoon verkrachting.

Baudet wil alle aardige jongens een duwtje in de rug geven. Van hun moeder leerden ze vroeger dat ze respectvol met meisjes om moeten gaan, maar niets blijkt minder waar. Meisjes lachen ze recht in hun zachtaardige gezichten uit, en springen – hier wordt Baudets opgekropte jeugdfrustratie als universeel gegeven gepresenteerd – bij een ruwe scooternozem achterop. Aardige jongens moeten volgens Baudet op cursus bij Julien Blanc, de omstreden Zwitsers-Amerikaanse “datingcoach” die wereldwijd versierbootcamps organiseert. Manipuleren en intimideren kun je namelijk leren, en anders is er altijd nog de mogelijkheid om een vrouw bij haar keel grijpen of met haar gezicht in je kruis te duwen. ‘Slimme technieken,’ noemt Baudet de ‘truukjes’ en ‘routines’ van de man die Australië en het Verenigd Koninkrijk al niet meer in mag.

Waar is Waylie?
Het tweede biggetje, Willibrord ‘Willie’ Frequin, riep al jaren niets dan medelijden op, al zag je van de bult op zijn hoofd bijna niets meer. Panorama vond hem zo zielig dat hij als troost een wekelijkse column kreeg, en ook Willie schreef deze week over de wrede sekse die soms – belachelijk natuurlijk – géén seks wil. ‘Vrouwen die getrouwd zijn moeten gewoon vrijen als hun man dat wil. Dat is een verplichting. (…) Dat gezeik altijd: ik heb hoofdpijn, ik ben zo druk geweest, mijn hoofd staat er niet na (naar, red.), ik zit in de overgang.’ Omdat er, zoals ik eerder zei, al jaren niets zinnigs uit dit biggetje kwam, kon de eenentwintigste eeuw snel weer verder. Hard zuchtend, dat wel.

Verderop rookte de schoorsteen van Waylies huisje al. Het brandhout had hij allemaal zelf bij elkaar gezongen. Maar waar is Waylie? Weg. Wat een teleurstelling. In de deuropening stond zijn vrouw, door het biggetje bewonderd om haar gebrek aan ambitie. ‘Ik heb vriendinnen gehad die heel erg hun onafhankelijkheid wilden bewijzen,’ zei hij onlangs tegen Viva. ‘Dan gingen ze hard werken, veertig uur per week, om vervolgens thuis te komen met, weet ik veel, dertienhonderd euro.’

De eenentwintigste eeuw groette Waylies vrouw, droop teleurgesteld af en fakete voor de zekerheid hoofdpijn, de overgang en een minimumloon.

Beeld via Donald Duck

Meer leuke content? Like ons op Facebook