Schaamrood door ‘Zwart als roet’

In de houten nissen van mijn op drie geadopteerde Chinezen na volledig blanke basisschool, stonden white power-symbolen gekrast. “Wat betekent dat?” vroeg ik aan het jongetje dat naast me in zijn bureautje zat te kerven. “Dat je tegen negers bent,” antwoordde hij, alsof tegen negers zijn net zoiets was als meisjes stom of spruitjes vies vinden.

Zoals vrijwel iedereen begeef ik me onbewust tussen mensen die qua opvattingen, opleidingsniveau en culturele achtergrond op mij lijken. Blanke basisschool werd blanke middelbare school werd blanke kunstacademie en universiteit. Hoewel ik volgens de definitie van het Centraal Bureau voor de Statistiek onder de noemer allochtoon val, ben ik nog nooit in mijn leven zo genoemd. Ga terug naar je eigen land? Je bent hier te gast? Noord-Frankrijk is geen Noord-Afrika, zo blijkt.

Lekkende stoma
Om het collegegeld voor mijn studie Nederlandse taal & cultuur bij elkaar te sprokkelen, schrobde ik als thuishulp vloeren en wc’s van Marokkanen, Turken, Javanen, Antillianen, Hindoestanen en ras-Utrechters. In mijn koffiepauze at ik baklava, bananenchips of appelflappen en luisterde naar de meest uiteenlopende verhalen van mensen bij wie ik normaal nooit over de vloer zou komen.

Zo zat ik eens op de skailederen bank van een kettingrokend echtpaar dat een wedstrijdje deed wie het hardst naar de hond kon schreeuwen. “Hmmgh, vuile roetmop!” gromde de man eens naar het televisiescherm toen Tania Kross in een ochtendprogramma zong. De man rekte het woord ‘vuile’ zo lang mogelijk op, om ‘roetmop’ er als een kanonskogel achteraan te knallen. “Ja, ga weg. Al kan ze wel mooi zingen,” voegde zijn vrouw eraan toe. Haar lekkende stoma werd een klein feestje vergeleken bij het gif dat uit hun frontale kwabben sijpelde.

Expliciet en onzichtbaar
Confrontaties met expliciet racisme – Facebookfurie en reaguurdersrazernij daargelaten – zijn voor de meeste mensen zonder donkere huidskleur een zeldzaamheid. Wat niet letterlijk wordt uitgesproken, blijft voor die groep zelfs grotendeels onzichtbaar. Tot gisteravond dan, toen de documentaire Zwart als roet van Sunny Bergman op primetime zijn tv-première beleefde en de vinger op de zere plek legde.

Vooral het fietsexperiment zorgde voor grote ogen en open monden. Te zien was hoe drie identiek geklede mannen – blank, licht getint en donker – op klaarlichte dag het slot van een damesfiets probeerden door te zagen. De blanke jongen werd met rust gelaten of zelfs geholpen, bij de andere twee kwam de politie eraan te pas. Dit tafereel speelde zich niet in een Drents dorpje maar in het Amsterdamse Vondelpark af.

Ik meen het toch goed
De donkerste van de drie mannen vertelde eerder in de documentaire dat hij mensen op straat soms groet, zodat ze niet bang hoeven te zijn dat hij ze gaat beroven. “Ondanks mijn huidskleur bedoel ik het wel goed,” is de gedachte achter zijn handelwijze. Een ander vertelde dat hij zijn BMW had weggedaan omdat hij in een half jaar tijd 32 keer was aangehouden. Schuldig tot het tegendeel bewezen is. “Het helpt ook niet altijd om man te zijn van middelbare leeftijd,” kreeg Lennart van der Meulen, algemeen directeur van de VPRO, uit zijn strot.

Na afloop regende het steunbetuigingen. Bergman werd bedankt voor haar documentaire en op Piet-gerelateerde Facebookpagina’s schreven mensen dat ze de bezwaren tegen de zwarte knecht eindelijk snappen. De usual suspects noemden haar natuurlijk een vooringenomen subsidieslurper en Zwart als roet een eenzijdig prul van een egodocument. Want die vinger op de zere plek, dat doet pijn.

En nu doordrukken. Heel hard doordrukken.

 

Beeld via npo.nl