When Elvis met Nixon – een wonderlijke visite in het Witte Huis

Op de kortste dag van 1970 deed zich een van de wonderlijkste ontmoetingen voor uit de Amerikaanse geschiedenis: Elvis Presley werd op het Witte Huis ontvangen door Richard Nixon. 

Het was een tamelijk spontaan bezoekje. Elvis, verzamelaar van politiepenningen en bewonderaar van de 37ste president van de Verenigde Staten, miste in zijn collectie nog de badge van de narcoticabrigade van de FBI en wilde bovendien het Witte Huis weleens van binnen zien. Hij nam het vliegtuig naar Washington en schreef onderweg een brief aan Nixon, waarin hij hem aanbood te helpen bij de drugsbestrijding, iets waarvoor hij zichzelf uitstekend gekwalificeerd achtte: “Ik heb diepgaand onderzoek gedaan naar drugsmisbruik.” Dat kon wel kloppen: zeven jaar later zou hij overlijden aan een overdosis pillen.

Hoe dan ook, de brief van 21 december 1970 – die in ingekorte vorm te lezen valt in het winternummer van HP/De Tijd, dat vanaf 10 december in de winkel ligt en hier online te lezen is – had het gewenste resultaat. Diezelfde middag nog kon Elvis bij Nixon terecht. De foto’s van de in donkerpaars velours gehulde rockster die Nixon de hand schudt horen tot de meest opgevraagde uit de National Archives. En nadat de King de president een Colt .45 cadeau had gedaan, regelde die als tegenprestatie de badge. Priscilla Presley, Elvis’ toenmalige echtgenote, zou later in haar memoires schrijven dat haar man dacht met zo’n FBI-penning op zak ongestoord met wapens en drugs in zijn bezit op het vliegtuig te kunnen stappen.

Het curieuze epistel (op briefpapier van American Airlines, en bewaard in het Witte Huis) is opgenomen in het prachtboek Letters of Note – Correspondence Deserving of a Wider Audience, samengesteld door de Britse tekstschrijver Shaun Usher als ode aan de verdwijnende kunst van het briefschrijven. Het is een museum in boekvorm, met juweeltjes als een enthousiast kattebelletje van Mick Jagger aan Andy Warhol, die de hoes van Sticky Fingers gaat ontwerpen, een brief van koningin Elizabeth aan president Eisenhower met een recept voor scones, en de laatste woorden van Maria Stuart, gericht aan haar zwager Hendrik III van Frankrijk, luttele uren voor haar onthoofding. Onlangs verscheen een al even begerenswaardige Nederlandse versie van het boek bij uitgeverij Podium, Brieven van belang – Onvergetelijke correspondentie, waarin naast de vertaalde brieven ook de originelen in facsimile zijn afgedrukt, plus kadertjes waarin de historische context wordt geduid en een allerschattigst blauw leeslintje. Het is een boek dat je iedereen cadeau zou willen doen, om te beginnen jezelf.

Hetzelfde internet dat de brief in zijn bestaan bedreigt, biedt ook een rijke aanvulling op het boek. De foto’s van de handenschuddende Elvis en Nixon zijn er te vinden, tal van artikelen over de ontmoeting, een memo van een staflid van de president over wat er zoals werd besproken, en zelfs een aparte Wikipedia-pagina over de televisiefilm Elvis Meets Nixon die over de gebeurtenis is gemaakt. En zonder internet was het boek er waarschijnlijk niet eens geweest: Shaun Usher begon zijn brievenverzameling op de website Lettersofnote.com, waar nog dagelijks nieuwe vondsten verschijnen.

Shaun Usher: Brieven van belang – Onvergetelijke correspondentie
Vertaling: Lidwien Biekmann en Tracey Drost-Plegt
Uitgeverij Podium, € 39,95
Het boek is hier te koop