11 scenes uit het leven van Stefano Borgonovo

8
Er bestaat een foto van Stefano Borgonovo aan de vooravond van de wedstrijd die te zijner ere werd gespeeld op 8 oktober 2008.
Hij zit dan al in een aangepaste rolstoel, hij is een patiënt geworden.
Zijn nek is niet krachtig genoeg meer om zijn hoofd rechtop te houden, daarom wordt hij ondersteund door een groen opblaasbaar nekkussentje.
De ogen van Stefano Borgonovo zijn op die foto wijd opengesperd, als iemand die ergens heel erg van schrikt, of iemand die zijn wimpers niet meer bewegen kan.
Naast hem staat zijn ex-ploeggenoot Daniele Massaro.
Hij heeft zijn hand om Borgonovo’s schedel gevouwen en drukt een kus op diens voorhoofd.

1
Als Stefano Borgonovo midden jaren tachtig een jonge, talentvolle voetballer bij Como is, loopt hij op een avond na een wedstrijd door het stadscentrum.
Daar, in een schemerig straatje wordt hij aangesproken. De man die hem roept, heeft geen tand meer in zijn mond, hij ruikt naar urine en een vergooid leven.
Borgonovo, vero?’ informeert de man.
Stefano Borgonovo knikt.
‘Word niet zoals ik,’ zegt de man. ‘Word niet wie ik ben. Dit is een tunnel waar je maar op een manier uit kunt komen. Vergeet mij niet.’
Dan verdwijnt hij weer hij weer, in het duister van de Comose drugsscene.
Een week later vindt Stefano de man terug. Zijn pasfoto staat in de krant, boven een overlijdensbericht.

2
Op 6 april 1990 speelt het met al z’n Nederlandse sterren opgetuigde AC Milan een wedstrijd tegen Bayern München. Het is de return van de halve finale van de Europacup I van twee weken eerder, die Milan met 1-0 gewonnen heeft.
Nu staat Bayern thuis met 1-0 voor.
De wedstrijd draait uit op verlenging en in die verlenging stuitert de bal voor de voeten van Stefano Borgonovo, die na jaren uitgeleend te zijn geweest aan Fiorentina eindelijk een plek in de AC Milan-selectie heeft, maar zelden mag meespelen, omdat hij het altijd maar weer aflegt tegen Van Basten.
En dan dwarrelt er plots een bal voorbij.
Stefano Borgonovo lepelt de bal schitterend over de keeper. Een Van Basten-doelpunt.
Milan haalt de finale, dankzij Stefano, al wordt hij in die finale weer niet opgesteld.

3
Zijn mooiste tijden beleeft Stefano Borgonovo in het paars van Florence, als spits van Fiorentina. Hij deelt de aanval met Roberto Baggio, de goddelijke paardenstaart.
Baggio de denker, Borgonovo de beuker.
B2. Biedoewe.
Later, als Stefano naar Florence terugkeert met een pak illusies en een Van Basten-complex, is de andere B net weg. Zo mooi als toen wordt het nooit meer: Stefano Borgonovo verdwijnt met iedere wedstrijd een beetje verder uit zicht: de ogen van de wereld zijn nu eenmaal niet gericht op Pescara en Brescia.
Het bericht, in de zomer van 2005, dat Stefano Borgonovo stopt met voetballen, verbaast velen. Bijna iedereen dacht dat dat al jaren eerder was gebeurd.

7
Op 8 oktober 2008, wordt er in het Stadio Artemio Franchi in Florence een wedstrijd te zijner ere gespeeld.
In het stadion zitten ruim dertigduizend toeschouwers.
Wanneer Stefano door Baggio het stadion binnengereden wordt, gaat iedereen staan.
Naast de rolstoel loopt Stefano’s dochter Alessandra. Zijn andere drie kinderen, Andrea, Benedetta en Gaia, zitten bij hun moeder Chantal op de eretribune.
Alessandra draagt het Fiorentina-shirt met nummer 9. Erboven staat de naam van haar vader, die ook de hare is.
Daarna wordt Stefano Borgonovo langs de twee spelende teams geleid.
Voetballers pakken zijn gezicht beet en kussen hem, op de wang of op het voorhoofd.
Aan het vak met de harde kern van Fiorentina hangt een immens spandoek.
Stefano Grande Ragazzo, staat er.

11
Als de kist met witte bloemen de kerk uitgedragen wordt, scanderen de supporters van Fiorentina zijn bijnaam.
‘Borgogol! Borgogol! Borgogol!’

4
Niet lang na het beëindigen van zijn loopbaan begint Stefano Borgonovo iets te merken.
Hij laat dingen vallen, schiet uit met z’n hand, af en toe lijkt een deel van z’n lijf op pauze te staan.
Eerst zegt hij een tijdje niets, tot onvermijdelijke gebeurt en Chantal het merkt.
Dan zeggen ze nog een tijdje samen niets.
Pas als de klachten niet meer te verbergen vallen, gaat Stefano naar de dokter.

10
Het is een drukte van belang, op 10 november 2014 in de Via Leoni in Como.
Camera’s, lichten, opschrijfboekjes, hoogwaardigheidsbekleders in hun beste pak en een paar honderd mensen die willen weten wat er aan de hand is.
Ergens in het midden van die troep staat Johan Cruijff met een paraplu.
Naast hem staat de Nederlandse oud-voetballer Fernando Ricksen.
Na vandaag heeft ook Como een Cruyff Court.
Ter nagedachtenis aan Stefano Borgonovo.

5
Op 5 september 2008 krijgt de wereld te horen dat Stefano Borgonovo lijdt aan ALS.
Zodra Stefano hoorde dat hij leed aan een ziekte die hem binnen enkele jaren zou doen sterven, nam hij zich twee dingen voor: zo lang als mogelijk genieten van het leven en van de herinneringen aan zijn voetballoopbaan en z’n autobiografie schrijven.
Tijdens een erewedstrijd in Florence verschijnt hij voor het eerst in het openbaar.
Hij kan dan al bijna niets meer, maar schrijft onverdroten verder aan zijn memoires, met behulp van een Eyetracker, die de bewegingen van zijn pupillen vertaalt in letters op het scherm.
En zo bouwt hij verder, letter voor letter.
In het voorjaar van 2010 verschijnt Attacante Nato.
Het boek wordt lovend besproken en wint verschillende prijzen. Een van de meest geciteerde zinnen luidt: ‘Sono felice che sono felice.’
Ik ben gelukkig dat ik gelukkig ben.

6
Stefano Borgonovo is de 24e oud-voetballer die met ALS wordt gediagnosticeerd.
Er worden onderzoeken uitgevoerd.
Wetenschappers verbazen zich over het her en der opduiken van een zo zeldzame ziekte in een relatief kleine gemeenschap. Ze vermoeden dat de voetballers door ongelimiteerd dopinggebruik het monster in hun lichaam hebben toegelaten.
Weerwoord bieden kan Stefano Borgonovo niet meer, maar schrijven nog wel.
In Attacante nato schrijft hij: ‘Hypocrieten! Ze weten niet waar ze over spreken.’
Daarna schrijft hij over de man in Como, de man zonder tanden die hem waarschuwde om niet zo te worden als hij. Dat heeft hij de man beloofd, en aan die belofte heeft hij zich altijd gehouden.

9
Op 27 juni 2013 wint het monster de strijd die op voorhand al beslist was.
Tot zijn dood is hij thuis blijven wonen, in een van alle gemakken voorziene kamer op de begane grond. Aan de muur hangen shirts, actiefoto’s en trofeeën uit een carrière die twintig jaar heeft geduurd.
Als er eens een dag geen bezoek komt, kijkt hij zwijgend naar de wanden van zijn kamer en laat hij de herinneringen bezit van hem nemen.
Na Stefano’s dood besluit Chantal de kamer voor altijd intact te laten.

PS
Lees ook het fraaie verhaal dat Vincent de Vries over Borgonovo schreef voor Helden.

Friendly match to fund Gehrig's research Friendly match between former soccer players 'Milan Glorie' (AC Milan's Glories) and 'Veteranos of Real Madrid' to fund Gehrig's research Friendly match between former soccer players 'Milan Glorie' (AC Milan's Glories) and 'Veteranos of Real Madrid' to fund Gehrig's research