Bij de Belastingdienst was het een rommeltje en het blijft een rommeltje

Zojuist leg ik mijn telefoon neer na een gesprek met de Belastingdienst. Als ondernemer kreeg ik op 31 oktober 2014 een beschikking voor een teruggave van een bedrag aan omzetbelasting dat toch snel in de buurt komt van een netto modaal maandsalaris.

Nu had ik al in mei van dat jaar een opgave gedaan van mijn bankrekeningnummer, dit naar aanleiding van het publiek bekendgemaakte nieuwe beleid – naar aanleiding van dat Bulgaren-gedoe – dat inhoudt dat de Belastingdienst over één, door de belastingplichtige opgegeven bankrekeningnummer dient te beschikken voor teruggaven. Ik kreeg daarop zelf een bevestiging dat dit nummer werd opgenomen in de administratie.

Tot mijn stomme verbazing ontving ik na 31 oktober j.l. een blauwe brief waarin mij werd medegedeeld dat de Belastingdienst niet over mijn rekeningnummer beschikte en dat ik daarom met gebruikmaking van een formulier dat op de site is te downloaden opgave moest doen.

Ik ontplofte maar koos voor de praktische benadering: ik deed het toch maar.

Vandaag zijn we drie en een halve maand na dagtekening van de beschikking voor teruggave en ik ontving nog geen stuiver, vandaar met telefoontje met de belastingtelefoon.

De overigens vriendelijke ambtenaar – het probleem is dat niemand er ooit iets aan kan doen daar – stelde eerst vast dat zijn collega’s inderdaad het eerst in het systeem hadden gezet om te zien of het nog verrekenend moest worden met aanslagen en ‘er daarna niets meer mee hadden gedaan’.

Vervolgens zette hij mij in de wacht en kwam kort daarop terug met de mededeling dat de belastingdienst niet over mijn rekeningnummer beschikt en dus niet tot uitbetaling kon overgaan.

Of ik opnieuw – en nu voor de derde keer dus – zo’n formulier zou kunnen invullen.

Dat formulier ga ik – denk ik – binnenkort bij het kantoor van de Belastingdienst door een deurwaarder laten betekenen, dan heb ik onbetwistbaar bewijs.

Dit alles komt na nu ook al een jarenlange foutieve adressering (van mijn buurman door toevoeging van ‘-A’ aan mijn huisnummer – van bepaalde (heel bijzonder: niet alle) brieven van de Belastingdienst aan mij. Ook in dat geval: schriftelijk kenbaar gemaakt, er is door de Belastingdienst op die brief gereageerd dus de ontvangst staat onomstotelijk vast. Niettemin: de foute adressering blijft doorgaan en dat betekent dat één en dezelfde belastingplichtige kennelijk tweemaal kan bestaan, tegelijkertijd.

Maar er is meer. Als zelfstandig ondernemer betaal ik al jarenlang omzetbelasting, elk kwartaal op wat uitzonderingen na waarin ik recht heb op teruggave. Het rekeningnummer waarvan ik betaal IS dus al jarenlang bekend. Daarbij komt nog de gegevensuitwisseling die de Belastingdienst jaarlijks heeft met de banken en waarmee uw en mijn aangiftes voor een groot deel op voorhand worden ingevuld. Ook daarbij ontvangt de Belastingdienst dat rekeningnummer.

Zolang de Rijksoverheid nooit serieus werk lijkt te maken van zelfs maar de simpelste gang van zaken – zie ook mijn column van j.l. vrijdag – zal het met de dienstverlening huilen blijven.