Een teleurstellende Klassieker

‘Wat ben je aan het doen?’ vroeg mijn vriendin toen ik gisteravond met een pot verf en een beddenlaken van vijftien meter breed de slaapkamer binnenkwam. Zij is een zuinige afnemer van het nieuws, en zit bovendien al haar hele leven op een sportactualiteitendieet: zolang ik er niet over schrijf, neemt zij het niet tot zich.

‘Ik maak een spandoek,’ zei ik terwijl ik het beddenlaken over haar heen begon uit te rollen. ‘Morgen komt er een mannetje van Eneco, dat weet je toch wel? Om hem te verwelkomen, maak ik een spandoek, dat ik vannacht aan de gevel hang. Het logo van Eneco, met een doodshoofd erdoorheen geschilderd – heel artistiek eigenlijk – en dan ernaast de tekst: Geeneco. En ik overweeg er nog een IS-strijder bij te schilderen.’
Mijn vriendin vond dat walgelijk.
‘Ik vind dat walgelijk,’ zei ze.
‘Jij snapt ook niets,’ zei ik, ‘zo’n spandoek, dat is een uiterst ironische verwijzing naar het spandoek dat de supporters van Standard Luik voor hun oud-aanvoerder Steven Defour maakten toen hij vanmiddag met zijn nieuwe club Anderlecht bij hen op bezoek kwam. Zo begroeten sportjongens elkaar.’

Ze knikte, al geloof ik niet dat ze het werkelijk begreep. Ze begrijpt wel vaker dingen niet: zo begrijpt ze niet dat ik soms – voor haar vrij plotseling – begin te schelden, omdat ze iets kleins verkeerd doet. En hoe vaak ik haar ook uitleg dat ik dat alleen maar doe omdat ik potentie in haar zie, en dat ze zich pas zorgen moet gaan maken als ik niet meer tegen haar tekeer ga, dat wil er maar niet in. Zo ziet zij er bijvoorbeeld ook totaal het nut niet van in als ik haar ’s ochtends vroeg in de buurt van de badkamerdeur onderuit maai. Dat ik dat alleen maar doe om iedereen op scherp te zetten, komt niet in haar op.
Maar ik zei het al: van sport heeft ze weinig kaas gegeten.

Klassieker
De verwachtingen voor vandaag waren hooggespannen hier in huis: de maandagmorgen is een Klassieker.
Een ochtend op zich.
Ik was net het Geeneco-spandoek aan onze gevel aan het bevestigen toen ze de kamer binnenkwam.
‘Ik neem hier afstand van,’ zei ze en ging aan de andere kant van de ruimte staan.
‘Haal het dan weg,’ zei ik.
‘Nee, want ik ben voor de —- — ———-‘ (gecensureerd door auteur).
(Daarna floot ze me overigens wel het hele ontbijt uit, terwijl ik zoveel voor haar betekend heb).
Niet veel later belde de man van Eneco aan. Mijn vriendin was op dat moment naar de bakker, zodat het man tegen man was. Hij zag wat bleek om de neus, maar zei niets. Nog voor de Eneco-man echter iets kon uitrichten, moest hij alweer inrukken. Ik geef toe: ik ging makkelijk naar de grond, maar er was wel degelijk contact.
‘Is de Eneco-man al geweest?’ vroeg mijn vriendin, toen ze thuiskwam met een kwarkbol van epische proporties.
‘Ja,’ zei ik, ‘maar hij kon de druk niet aan.’
Daarna aten we zwijgend van de kwarkbol, ik won de slag om het middenstuk.
‘Wat zullen we doen?’ vroeg ze, toen we allebei ook nog drie espresso’s achter de kiezen hadden.
‘Poep aan je schoen,’ antwoordde ik. Het niveau in onze minicompetitie houdt al langer niet over.
Ze stelde voor om vrienden, die een babykaartje in de bus hadden gedaan, een berichtje te sturen, maar als ik ergens niet tegen kan, is het mensen een kaart aannaaien. Daar moet je boven staan, vind ik.
‘We kunnen iets fixen,’ zei ze, en ze wees naar de lamp boven de eettafel, die er na een wilde nacht al een tijdje gevaarlijk scheef bij hangt. Alsof ze niet weet dat wij thuis niets fixen: we zouden het niet eens kunnen, al zouden we het willen. Ik heb trouwens niemand van onze vrienden iets zien fixen. Om eerlijk te zijn, geloof ik die mensen die zeggen dat er overal gefixt wordt niet. Wij verdienen niet heel veel, maar genoeg om mensen voor ons te laten fixen.
Goed, niks te fixen dus. ‘Net nog voorgedrongen bij de bakker trouwens,’ probeerde ze het gesprek weer op gang te zwengelen als zo’n auto uit zwart-witfilms.
‘Zolang de bakker maar niks gezien heeft,’ antwoordde ik.
Dat was zo. Godzijdank: kon ze morgen gewoon weer.

Transfermarkt
Voor de neutrale toeschouwer was het misschien geen grootse Klassieker, maar we hadden wel vreselijk ons best gedaan, en niks weggegeven. Verder is het deze week vooral afwachten of ons team intact blijft: de transfermarkt sluit zaterdag.
We zijn natuurlijk geen rijk koppel, maar als er een buitenkansje komt, zullen we dat zeker niet laten lopen: als deze maandagmorgen iets heeft aangetoond, dan is het wel dat mijn vriendin en ik best wat versterking kunnen gebruiken.