Hoe Britse IS-sympathisanten achter de tralies verdwijnen

Sinds de aanslagen in Parijs en Denemarken neemt de discussie over IS-sympathisanten in Nederland toe. Het debat omtrent radicaliserende moslims woedt hevig, en het roept de vraag op wanneer iemand vervolgd mag worden voor verheerlijking van bijvoorbeeld het gedachtegoed van terreurbeweging IS. Vorige week nog kondigde het OM aan de jacht te hebben geopend op drie Syriëgangers omdat zij zouden opruien, en lid zijn van een terroristische organisatie.

 

In Groot-Brittannië zijn de afgelopen dagen arrestaties verricht, in twee gevallen waren verdachte internetactiviteiten de aanleiding voor de politie om tot actie over te gaan. In Groot-Brittannië is het namelijk niet alleen verboden om geld te schenken of lid te zijn van een terroristische organisatie, maar is het ook strafbaar om je positief uit te laten over zo’n organisaties, op welke manier dan ook.

Online sympathiseren met terrorisme bleek in januari al een heikel punt toen de Joodse leider Roger Cukierman Twitter aansprak op het feit dat zij de in zijn ogen aanstootgevende hashtag #JesuisKouachi niet had geblokkeerd.

Waar ligt de grens van de vrijheid van meningsuiting? Die vraag houdt de gemoederen al weken bezig. Moeten tweets en hashtags in de toekomst worden gecensureerd als erin gesympathiseerd wordt met een terreurorganisatie? Vooralsnog mag zo’n geluid als verwerpelijk worden beschouwd, maar technisch gezien is er weinig illegaal aan.